Banner mainpage

Collapse

Announcement

Collapse
No announcement yet.

Woke, de nieuwe maat van wie?

Collapse
X
 
  • Filter
  • Time
  • Show
Clear All
new posts

  • Hebben gemeentes denk ook weinig invloed op. Den Haag besluit dit vaak mede afhankelijk van beschikbare locaties. En dan weer afwachten of er tegenstand komt maar dat zal met Oekrainers wel meevallen. Bevolking ziet liever geen gekleurde of Islamitische mensen.

    Comment


    • Dat klopt:

      Raadsverkiezingen: verwachtingen kiezers en bestuurlijke werkelijkheid lopen sterk uiteen.
      Gemeenten hebben steeds minder mogelijkheden om te voldoen aan de verwachtingen van hun inwoners. Op de onderwerpen die de kiezers belangrijk vinden bij de komende verkiezingen hebben gemeenten maar beperkt geld, wettelijke ruimte en mensen. Dat blijkt uit een onderzoek van I&O Research en Berenschot in het kader van de gemeenteraadsverkiezingen.

      In hoeverre komen de politiek-bestuurlijke werkelijkheid en de belevingswereld van de kiezer overeen en waar lopen zij uit elkaar? Hebben gemeenten de ruimte om verwachtingen van burgers waar te maken? Dat waren de vragen die de onderzoekers onder de loep namen. Het onderzoek bestond uit een landelijk representatieve enquête onder stemgerechtigde Nederlanders door I&O Research over wat deze kiezers verwachten van de gemeente. In totaal werkten 2.311 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan het onderzoek. Berenschot analyseerde vervolgens de (on)mogelijkheden die de gemeente op deze onderwerpen hebben, kortweg de ‘bestuurlijke wereld’.
      Belangrijkste onderwerpen wonen, veiligheid en financiën


      De drie belangrijkste onderwerpen bij de gemeenteraadsverkiezingen voor de kiezers zijn helder: Betaalbaar wonen, Veiligheid, criminaliteit & openbare orde en Gemeentelijke financiën. Ten opzichte van de vorige verkiezingen (2018) valt op dat de onderwerpen Zorg voor ouderen en Zorg voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zijn weggezakt in de aandacht; belangrijke taken die veel van de gemeenten vergen.

      Wonen leeft iets sterker in steden en in het westen, veiligheid in Flevoland en Limburg en ouderenzorg speelde een grotere rol in niet-stedelijke gebieden, Drenthe en het zuiden. Werkgelegenheid en economie wordt in de drie noordelijke provincies belangrijker gevonden.

      Betaalbaar wonen staat voorop bij jongere leeftijdsgroepen, mensen met een minimum- of beneden modaal inkomen en bij aanhangers van progressieve partijen. Veiligheid, criminaliteit & openbare orde speelt meer onder stemmers van VVD, PVV en JA21 en dan met name bij 65+-ers.

      Geen volledige autonomie


      Voor de meeste thema’s waaraan kiezers belang hechten, hebben gemeenten geen volledige autonomie c.q. niet de volledige vrijheid om verwachtingen rond die onderwerpen waar te maken. Sterker, die ruimte neemt af door een aantal trends. Zo wordt de beleids- en financiële ruimte op wonen, veiligheid, zorg voor ouderen / zorg voor jongeren beperkt door landelijke politieke ingrepen (zoals verplichte regionalisering in de jeugdzorg). Verder is de financiële positie van gemeenten onder druk komen te staan door landelijke ingrepen (verdringing door sociaal domein), opschalingskorting en nieuwe eisen vanuit het Rijk. Bovendien werken gemeenten op deze thema’s vaak samen in (regionale) samenwerkingsverbanden, waardoor zij hun inzet moeten afstemmen en afhankelijk zijn van elkaar. Gevraagd of kiezers weten of de gemeenten er ook echt over gaan, erkennen zij dat dit voor meerdere (voor hen belangrijke) onderwerpen niet volledig het geval is. Inwoners zien dus redelijk goed dat verschillende overheden op thema’s (moeten) samenwerken.

      Om daar een krachtige rol in te spelen én omdat opgaven op gemeentelijk niveau samenkomen (in tegenstelling tot de verkokerde Rijksoverheid), is een sterke gemeente echter noodzakelijk. Met name door hun financiële situatie ontbreekt het daaraan.

      Daarnaast raken gemeenten in een spagaat wanneer verschillende publieke opgaven elkaar in de weg zitten. Veruit het belangrijkste thema – betaalbaar wonen – heeft veel impact op de ruimtelijke omgeving. Maar gemeenten moeten ook rekening houden met andere ruimtevragers, zoals de energietransitie (windmolens, zonnevelden), natuur & milieu (stikstof) en economie (bedrijven). Daar komt bij dat de afweging van prioriteiten in de ruimtelijke sfeer steeds meer op regionaal niveau bepaald wordt, hetgeen keuzes nog lastiger maakt.

      Kiezers: “gemeenten betaal het zelf maar”


      Ten aanzien van gemeentelijke financiën geeft 50 procent van de kiezers aan dat de lokale belastingen niet verhoogd mogen worden; ook niet als anders gemeentelijke taken in de knel komen. Ook vinden veel Nederlanders het belangrijk dat hun gemeente een afdoende vermogenspositie heeft. Degenen die financiën zwaar laten wegen, vinden het belangrijker dat de belastingen niet worden verhoogd dan dat er wordt bezuinigd. Van alle kiezers is de overgrote meerderheid tegen bezuinigingen op jeugdzorg (67%) en zorg aan ouderen (73%), ondanks het feit dat gemeenten op deze terreinen de kosten in de afgelopen jaren sterk hebben zien stijgen.

      Opvallend is dat bijna 80% van de mensen denkt dat gemeenten grotendeels zelf over de eigen financiën gaan. Als daar degenen bij worden opgeteld die menen dat dit ten dele het geval is, ligt dit zelfs op 95%. Dit staat in schril contrast met de feitelijke situatie: veel meer dan de helft van de gemeentelijke inkomsten komt van het Rijk en wordt ook door de rijksoverheid bepaald. De financiële situatie is de afgelopen jaren (afgezien van een opleving dankzij coronasteun) verslechterd. Juist de vermogenspositie van de gemeenten is uitgehold. In de toekomst staat de gemeenten wel een verhoging van inkomsten te wachten, maar die is tijdelijk zodat gemeenten er bijvoorbeeld geen vast personeel voor kunnen aannemen.

      Bij de gemeenten komt het samen


      Bij de kiezers scoorde ook het onderwerp Leefbaarheid hoog, in een ruime definitie, waarbij een schone omgeving, voorzieningen en sociale cohesie het meest worden genoemd. Op dit onderwerp heeft de gemeente veel beleidsruimte voor lokaal maatwerk. Helaas noopt de financiële positie van de gemeenten tot bezuinigingen die juist deze “vrije ruimte” treft. Voorzieningen zoals bibliotheken, buurthuizen en zwembaden staan daardoor onder druk. Gemeenten vinden het van belang dat overheidstaken dicht bij de mensen en dus op gemeentelijk niveau samenkomen. Zij worden echter beknot in het maken van integrale afwegingen door de verkokerde regels vanuit het Rijk, gebrek aan ambtelijke capaciteit en geldgebrek.

      Confrontatie tussen verwachtingen en bestuurlijke wereld per onderwerp


      Het volledige onderzoek telt meer dan vijftig slides met gegevens en analyses. Voor de belangrijkste thema’s zijn de verwachtingen van kiezers op deelonderwerpen uitgesplitst, afgezet tegen de ruimte die gemeenten op deze thema’s hebben: het beeld van de bestuurlijke werkelijkheid op het betreffende thema. De hypothese dat de politiek-bestuurlijke werkelijkheid en de belevingswereld van de kiezer uit elkaar lopen, wordt daarbij breed bevestigd.

      Het volledige rapport is hier te downloaden.

      Voor vragen over het onderzoek kunt u contact opnemen met Philip van Veller.

      Onderzoeksverantwoording


      Het onderzoek van I&O Research vond plaats van vrijdag 11 tot maandag 14 februari. In totaal werkten 2.311 Nederlanders van 18 jaar of ouder mee aan het grootste deel van dit onderzoek. Het grootste deel van de steekproef (n=2.192) is afkomstig het I&O Research Panel, 119 respondenten deden mee via PanelClix. Dit zijn allen Nederlanders met een niet-westerse migratieachtergrond. De onderzoeksresultaten zijn gewogen op geslacht, leeftijd, regio, opleidingsniveau en stemgedrag bij de Tweede Kamerverkiezingen in maart 2021. De weging is uitgevoerd conform de richtlijnen van de Gouden Standaard. Hiermee is de steekproef representatief voor de kiesgerechtigde Nederlandse inwoners (18+), voor wat betreft deze achtergrondkenmerken. Bij onderzoek is er sprake van een betrouwbaarheidsinterval en onnauwkeurigheidsmarges. In dit onderzoek gaan we uit van een betrouwbaarheid van 95 procent. Bij een steekproef van n=2.000 en een uitkomst van 50 procent is er sprake van een foutmarge van plus of min 2,2 procent.

      De analyse van Berenschot vond plaats op basis van de data van bovenstaand onderzoek met expertise en ervaring van adviseurs uit diverse adviesgroepen.

      Ook interessant: https://www.berenschot.nl/blog/gemee...d-de-valkuilen

      Comment


      • Gemeentes hebben steeds minder te vertellen met name omdat de financieen meer en meer vanuit Den Haag geregeld worden en ook vaak met lagere bedragen. Grootste partijen in gemeenteverkiezingen landelijk zijn vaak de lokale partijen

        Comment


        • De woke community groeit wel gestaag, maar dat is met alle onderwerpen zo, mede door social media etc.

          Comment


          • Originally posted by Willy Wonka View Post
            Bevolking ziet liever geen gekleurde of Islamitische mensen.
            Een deel van de bevolking

            Comment


            • Zo is het..ik zie ze heel graag. Ik wissel vaak recepten met ze uit.. Ze wilden weten wat ik in de tajine aan kruiden doe (dat was dus mijn eigen mengsel en niet uit de winkel) .. Een vriendin uit Iran maakt soms ook allerlei lekkernijen voor me. En geloof me: Marokkanen kunnen geweldige feesten organiseren!!!! Ge-wel-dig..

              Comment


              • https://www.telegraaf.nl/watuzegt/55...rs-woke-gedrag

                Poetin is gebaat bij westers woke gedrag

                Ik weet niet hoe het met u is, maar ik verlang soms terug naar vorig jaar. Toen Willem Engel onze overheid van zwendel, oplichting en dwang betichtte enkel en alleen omdat er een gratis coronavaccin beschikbaar was. Toen Thierry Baudet nog met zijn vrijheidskaravaan in Urk neerstreek en blaatte dat blanke, heteroseksuele mannen geen aids konden krijgen. Toen onze grootste irritatie nog was dat de vier politieke partijen, zelfs na maandenlang bakkeleien nog steeds niet door één deur konden. En toen we ons nog druk maakten of we wel genoeg oog hadden voor de LGBTI+-gemeenschap en of er wel genoeg genderneutrale toiletten in gebouwen waren. Waren we wel woke genoeg?



                Terwijl wij in onze wokeness begrip toonden voor iedereen die anders dacht, werd op nauwelijks drie uur vliegen hiervandaan in het Kremlin bedacht hoe een onschuldig volk op de meest brute manier tot overgave gedwongen kon worden.

                Poetin kon in alle rust broeden op zijn gewelddadige inval in Oekraïne terwijl wij ons in het Westen bezighielden met onbenullige zaken, zoals de vage klachten van twee ex-vriendinnen van Tweede Kamerlid Gijs van Dijk die zich onheus behandeld voelden. Gut ja, dat voelen ex-vriendinnen zich wel vaker denk je dan, maar de leiding van het PvdA vond het kennelijk voldoende reden om Gijs van Dijk te vragen op te stappen. Woke hoor. Terwijl Poetin de bloedige oorlog in Oekraïne verder opvoert en nog meer grof geschut inzet tegen de onmenselijk zwaar getroffen Oekraïners, wordt er in de Tweede Kamer verder gedebatteerd over de omgangsvormen met elkaar.

                Statement


                Ook ná de inval van Poetin en ook buiten Den Haag tiert de woke-cultuur welig. In Haarlem voelden ze zich genoodzaakt om een statement te maken en een concert van Stravinsky en Tsjaikovski te cancelen enkel en alleen omdat het Russische muziek is. Hoezo? Stravinsky is niet eens een Rus en Tsjaikovski is al meer dan een eeuw dood. Wat kunnen zij eraan doen? Of wil je als directeur van een Haarlems theater zo nodig laten zien dat je helemaal woke bent? Goede actie hoor, Poetin zal ervan opkijken.
                "Alleen door Poetin en zijn kompanen gericht en hard te raken, kunnen we de situatie veranderen"

                Nee, dan heb ik meer respect voor de stoere Elena Kovalskaya, die als directeur van een theater in Moskou meteen ontslag nam en op Facebook haar vertrek uitlegde met de tekst: „Je kunt niet voor een moordenaar werken en door hem betaald worden.” Of de actie van een directeur van het Bolshoi-theater die ook voor een theater in Toulouse werkte. Het Franse theater vroeg hem om een standpunt over de inval in Oekraïne in te nemen. Hij verafschuwt Poetin, maar kon dat uit angst voor represailles niet zeggen en diende als statement zowel bij het theater in Toulouse, als bij het Bolshoi zijn ontslag in.

                Volstrekt zinloos


                In ons land besloot het Hermitagemuseum in Amsterdam om de deuren van de expositie van Russische avant-gardistische schilders onmiddellijk te sluiten voor het publiek. Ongetwijfeld goedbedoeld, maar volstrekt zinloos. Net zo zinloos als de opmerkingen van politici dat we in gesprek moeten blijven met Poetin. Je kunt een nietsontziende misdadiger niet tot rede brengen, je moet hem treffen waar het pijn doet. De Russische kunstwerken van het Hermitagemuseum in Amsterdam worden volgens de directeur zo snel mogelijk teruggestuurd naar Rusland. Ik zou zeggen: niet doen, hou die kunst lekker hier, verkoop het desnoods, dán maak je pas een statement.

                Poetin doet dat zelf toch ook? Hij dreigt dat hij alle westerse bedrijven die hun deuren sluiten in Rusland zal onteigenen en nationaliseren. Driehonderd westerse bedrijven hebben al aangekondigd te stoppen in Rusland en zij zijn binnenkort dus waarschijnlijk hun filialen, fabrieken en voorraad kwijt. Dat Poetin hiermee iedere toekomstige investering van het Westen in Rusland dwarsboomt, deert hem niet. Dat honderdduizenden Russen hiermee hun baan en hun contacten met het Westen verliezen, deert hem ook niet, maar zal hopelijk wel een trigger zijn voor het Russische volk om in opstand te komen.

                Megajacht


                Als Poetin denkt dat hij bezittingen van westerse bedrijven en individuen in Rusland kan onteigenen, dan zouden wij hier met spoed wetten moeten maken waarmee álle bezittingen in het Westen van Poetin én van de Russen die nauwe banden met Poetin hebben, óók onteigend en genationaliseerd kunnen worden. Niet alleen symbolisch een megajacht in een haven in Duitsland aan de ketting leggen, maar onteigenen en bij opbod verkopen. Alleen door Poetin en zijn kompanen gericht en hard te raken, kunnen we de situatie veranderen.

                Laten we de woke-zaken even aan de kant schuiven, en ons de komende weken niet meer bezighouden met navelstaren en woke geneuzel, maar onze blik op Rusland en Oekraïne richten en ons afvragen hoe we Poetin nog harder kunnen raken en hoe we de Oekraïners nog beter kunnen helpen om deze oorlog te winnen.

                Comment


                • https://www.ad.nl/formule-1/lewis-ha...aakt~ac63f751/

                  die Hamilton houdt ook van woke!

                  Comment


                  • Originally posted by Johan Geluk View Post
                    Hamilton is woke!!!
                    theo1

                    Comment


                    • worden volle bekers voor hem als hij een GP wint en zijn naam moet er op

                      Comment


                      • Het wordt niet onderdeel van zijn achternaam, Nederlandse media vermeldden het niet volledig. Want is lekker punten scoren bij degenen die jeuk krijgen bij 'woke'

                        Hij gaat de achternaam van zijn moeder als tweede voornaam toevoegen. Zijn roepnaam blijft dus gewoon Lewis. En zijn achternaam blijft gewoon Hamilton.

                        Comment


                        • Dat Bij 1 heeff ook teveel gewonnen met gemeenteraadsverkiezingen dus nog meer woke...

                          Comment


                          • Wat is niet woke tegenwoordig? Al die mensen met hun meningen in alle soorten media. We moeten elkaar er niet zo gek mee maken, we trappen te gemakkelijk in die val.

                            Comment


                            • 'De media', voor zover als die het al eens zijn en bestaan, doen ons van alles geloven..en dus menen 'we' bijvoorbeeld dat er allerlei crisissen zijn en zonnebloemolie moeten gaan hamsteren.. Ik probeer zoveel mogelijk al die idioterie aan me voorbij te laten gaan. Ik eet gewoon nog negerzoenen hoor, of een patatje oorlog.

                              Comment


                              • als je een crisis ontkent qua oorlog, energie, woningen etc. dan leef je in je eigen egostische bubbel... niemand spreekt over een zonnebloemolie crisis,

                                Comment


                                • Ik ontken helemaal geen grote tekorten of grote tegenslagen..ik classificeer het echter ook zo. Een échte crisis heeft NL al heel lang niet meer meegemaakt..In ieder geval niet meer sinds WO II. Daarna is het uitsluitend berg-opwaards gegaan, en nog steeds (gemiddeld dan). Er is wonignood, ja. Dus moeten we als de hazewind gaan bouwen. Maar ja, stikstof en zo..tekorten op de arbeidsmarkt en zo, geen gekwalificeerd personeel meer en zo. Problemen moet je oplossen en niet blijven hangen in een crisismode...

                                  Comment


                                  • ach als je de corona crisis niet als een crisis ziet

                                    Comment


                                    • We dwalen van het topic onderwerp af.😉

                                      Comment


                                      • Originally posted by Fortuneboy View Post
                                        ach als je de corona crisis niet als een crisis ziet
                                        Sommigen spreken alleen van een crisis als het hunzelf treft Dus als er tig mensen dood gaan aan een virus, of oorlog, of dat mensen veel kwijtraken etc. is dat geen crisis voor die mensen die daar zelf geen last van hebben of niet zoveel last van hebben, die denken alleen vanuit zich zelf en negeren overheden, media, realiteit in de wereld als men daar allemaal spreekt over soorten crisissen Normaal verstandig denkend mens weet natuurlijk beter

                                        Comment


                                        • https://www.telegraaf.nl/entertainme...rritatiefactor

                                          ’Het was allemaal héél erg zwaar op de hand’
                                          Tv-kenners begrijpen schrappen talkshow M: ’Ze heeft een te hoge irritatiefactor’

                                          HILVERSUM - Het lukt de NPO maar niet om een geslaagde opvolger te vinden voor het ooit immens populaire De wereld draait door. Na De vooravond is ook talkshow M nu gesneuveld. Begrijpelijk, volgens tv-kenners. ’Margriet van der Linden heeft een te hoge irritatiefactor.’

                                          „Noodzakelijke stap dit, M is eigenlijk nooit een heel groot succes geworden”, zegt oud-zenderbaas Fons van Westerloo. „Op dat tijdslot van zeven uur heeft Matthijs van Nieuwkerk enorm gescoord de afgelopen jaren. Dus ga er maar eens aan staan om zo iemand op te volgen, dat is bijna ondoenlijk.”



                                          Margriet van der Linden was daar zeker niet de juiste persoon voor, denkt Van Westerloo. „Zij heeft voor veel mensen een hoge irritatiefactor. Zoals ze opkomt en dan ’start de show!’ roept. Dan denk ik: jongens kom op, Oekraïne staat in de fik. Er straalt ook geen warmte vanaf, terwijl ze verder echt geen slechte journalist is.”

                                          ’Druk’


                                          Dat Van der Linden heeft verklaard dat het haar eigen keuze is om te stoppen, neemt Van Westerloo met een korrel zout. „Tuurlijk zeg je zelf altijd: het wordt tijd dat ik iets anders ga doen. Maar zo’n programma verdwijnt omdat het niet goed scoort. Dan voel je als presentatrice die druk ook wel. Als het wél had gescoord en ze had doorlopend positieve reacties gekregen, dan was het niet gestopt. Misschien na tien jaar, maar niet na vijf seizoenen, dat is heel kort. Want het wordt niet eens het hele jaar door uitgezonden.”

                                          In de laatste periode van M waren de kijkcijfers vergeleken met de eerdere seizoenen inderdaad behoorlijk laag. In 2020 en 2021 trok het programma bijna een miljoen kijkers, tegenover minder dan 700.000 in 2022. Ter vergelijking: DWDD trok in twaalf van de vijftien seizoenen méér dan een miljoen kijkers.

                                          Spot


                                          De kritiek op het programma was al langer niet mals. De talkshow zou te geforceerd deugdelijk willen zijn en daarmee vaak de plank misslaan. Ook was er kritiek dat Van der Linden haar gasten niet laat uitspreken. Bij de mannen van de wél succesvolle talkshow Vandaag Inside was het programma een geliefd onderwerp van spot. „Ik vind het een weerzinwekkend programma. Dat lachwekkende ’start de show’, echt gênant. Ik kan er niet naar kijken”, zo zei Johan Derksen eens.

                                          Toch heeft het programma best een functie gehad, denkt tv-maker Carlo van Lienden. „Wat ze zegt in haar statement, daar ben ik het wel mee eens. Ze hebben inderdaad een ander geluid neergezet en nieuwe gasten aan tafel gekregen. Vooral als je naar de eerste twee seizoenen kijkt: mensen als Talitha Muusse en Natacha Harlequin, die hebben een podium gekregen en zijn uitgewaaierd naar andere programma’s. Lang was de klacht dat te veel dezelfde mensen overal te zien zijn, daaraan hebben ze bij M wel geprobeerd iets te doen.”

                                          ’Te woke’


                                          Maar in de thema’s die M omarmde, zijn ze een beetje doorgeslagen, denkt Van Lienden. „Het woke-gehalte was extreem hoog. Het is meer een niche talkshow dan een voor een leidende zender in Nederland, zoals NPO1 is. Dit is beter wekelijks op NPO2 of NPO3. Ik denk dat Margriet van der Linden goed is in het belichten van bepaalde thema’s die we allemaal belangrijk zeggen te vinden, maar dat is niet geschikt voor een dagelijkse talkshow van zeven tot acht.

                                          Het was ’té woke’ voor Nederland, denkt Van Lienden. „Dat zie je aan de cijfers. Mensen gaan voor de tv zitten omdat ze vermaakt willen worden. Túúrlijk willen ze ook geïnformeerd worden, maar op een manier die hen entertaint. En dat is iets dat ze bij M volledig hebben genegeerd. Er zit kraak noch smaak aan. En als je een uitzending had gezien, had je het gevoel: nja, hopen dat morgen het licht nog aangaat buiten. Dit kan nog weleens de laatste avond zijn dat we met elkaar op de bank zitten. Het was allemaal héél erg zwaar op de hand en héél erg verantwoord. Dat kan een functie hebben, maar niet op NPO1.”

                                          Van Westerloo kan zich vinden in die analyse: „Op NPO1 moet je een breed publiek bereiken. Doe je dat niet, dan word je afgestraft, en de kijker heeft altijd gelijk. Laat ik het zo zeggen: als we ervan uitgaan dat ze het zelf heeft bepaald, is het heel verstandig. En als het door mensen boven haar is bepaald, is het ook heel verstandig.”

                                          Comment


                                          • Ach we zitten nu weer met die verschrikkelijke Khalid en Sophie opgescheept

                                            Comment


                                            • https://www.rd.nl/artikel/965149-wak...reld-verandert

                                              Wakkere strijders: hoe de woke-beweging de wereld verandert

                                              Menig reformatorisch christen leeft in een witte wereld, of, liever gezegd, op een wit eilandje waar iets van de oude indeling van de samenleving nog zichtbaar is. Maar het eilandje brokkelt langzaam af. Daarbuiten woedt immers een cultuurstrijd, waarin de woke-beweging een grote rol speelt.

                                              Veel reformatorische mensen in mijn omgeving hebben nog nooit van de woke-beweging gehoord. Tijdens het afgelopen jaar liet ik het woord soms per ongeluk vallen, en dan zei mijn (vaak best hoog opgeleide) gesprekspartner zoiets als „Woot? O, wook? Wat is dat?”

                                              Eerst besteedde ik daar weinig aandacht aan – het kan tenslotte gebeuren dat iemand een woord niet kent. Maar toen ik een aantal keren op steeds hetzelfde onbegrip gestuit was, dacht ik toch: hoe kán dit? In Amsterdam, om maar eens een plaats te noemen, is het al sinds jaren echt ondenkbaar dat je dat woord niet kent. Kranten en tv-programma’s hebben er de mond van vol, aan de universiteiten worden verhitte debatten gevoerd en in de wereld van kunst en cultuur doe je echt niet mee als je niet woke bent. Het gaat voortdurend over vragen als: „Ben jij wel woke?” „Is dat museum of die krant wel woke genoeg?” „Slaat de hele woke-beweging niet een beetje door?” En: „Moeten we dat woke-gedoe wel serieus nemen?”

                                              Maar ja, zoals Amsterdam zich vaak verbaast over de wereld buiten de stad en ontwikkelingen op de Biblebelt pas laat meekrijgt, zo is de reformatorische bubbel zich soms ook wat weinig bewust van bepaalde Randstedelijke trends. Al dringt het besef langzamerhand wel door dat het hier gaat om een groot en ‘hot’ thema, wereldwijd gezien.



                                              Demonstraties

                                              Het is moeilijk om goed uit te leggen wat woke zijn precies inhoudt. Voor de een betekent het dat je strijdt tegen racisme. Voor de ander dat je demonstreert voor een beter klimaat. Voor de derde dat je opkomt voor slachtoffers van seksueel misbruik, dat je je bewust bent van discriminatie of vecht voor lhbti-rechten. Het is een soort paraplubegrip waar een hele waaier aan betekenissen onder kan liggen.

                                              Woke lijkt aan de ene kant de nieuwe term voor alles wat in de ogen van (vooral) linkse mensen ”hoogstaand”, ”principieel”, ”deugdzaam” en ”moreel goed” is. Woke lijkt ook, aan de andere kant, het scheldwoord van (vooral) rechtse mensen voor hun tegenstanders, de politiek correcte ‘deugers’ die ondanks (of dankzij) hun hoge idealen zelf ontzettend intolerant geworden zijn.

                                              Maar dát het belangrijk is, en dát het hier over de grote cultuurstrijd van onze eeuw gaat, staat voor iedereen buiten kijf. De opkomst van de woke-beweging voelt een beetje als de opkomst van de arbeidersbeweging in de 19e eeuw: een enorme groep mensen, aanvankelijk een achtergestelde groep zonder veel macht en invloed, strijdt voor een betere plek in de samenleving en weet die langzamerhand ook te veroveren.



                                              Dat gaat langs een weg van veel conflicten. Met name in de Verenigde Staten, de bakermat van de woke-beweging, gaat het er soms heftig aan toe. Denk aan de grote demonstraties van Black Lives Matter tegen politiegeweld ten opzichte van zwarte mensen. Denk aan homo- en genderactivisten, die vechten voor gelijke rechten van mensen met een van het gemiddelde afwijkende seksuele oriëntatie. Denk ook aan #MeToo, de beweging die aandacht vraagt voor slachtoffers van seksuele intimidatie, aanranding en misbruik door mensen in een machtspositie.

                                              Dat zijn allemaal stromingen die ook in Nederland voet aan de grond hebben gekregen. Als je het nieuws de laatste jaren een beetje hebt gevolgd, liggen de voorbeelden voor het oprapen.

                                              Het grote conflict rond Zwarte Piet is misschien nog niet helemaal uitgewoed, maar het pleit lijkt beslecht. In een paar jaar tijd is de meerderheid van de Nederlanders gaan vinden dat een échte roetzwarte Piet niet meer acceptabel is. Wie dat nog wél vindt, voert een achterhoedegevecht. Hetzelfde geldt voor de term ”witte mensen” – eerst staat iedereen op z’n achterste benen en wil niemand de term ”blanke mensen” opgeven. Maar binnen een paar jaar zijn vrijwel alle toonaangevende media, culturele instellingen, vloggers en schrijvers overgeschakeld op ”wit”.

                                              De kwestie van de standbeelden is taaier: het is nogal wat om je geschiedenis te herschrijven door standbeelden van beroemdheden als Jan Pieterszoon Coen uit het straatbeeld te verwijderen. Maar er zijn wél overal nieuwe tekstbordjes gekomen, met uitleg over de kwalijke rol die sommige vroegere helden –zoals Coen– in het koloniale verleden van Nederland hebben gespeeld. Instellingen (zoals De Nederlandsche Bank) onderzoeken hun eigen slavernijverleden, er moet een slavernijmuseum komen en de stad Amsterdam is vooropgegaan in het aanbieden van excuses – nu de Nederlandse staat nog.

                                              Of neem de kwestie van de roofkunst: veel Nederlandse musea zijn bereid om kunstvoorwerpen terug te geven aan voormalige koloniën of andere landen waar die voorwerpen door ‘witte’ ontdekkingsreizigers of missionarissen zomaar meegenomen zijn. Maar dan moet er wel een officiële aanvraag komen van zo’n land. Acties van zomaar een groepje activisten krijgen nul op het rekest.

                                              Vandaar dat de activisten die anderhalf jaar geleden een beeldje roofden uit het Afrika Museum –volgens hen roofkunst uit hun vaderland Congo– toch aangehouden werden, terwijl het gestolen voorwerp terugging naar het museum. Maar ja, het was hun natuurlijk helemaal niet te doen om dat beeldje zelf, het ging om de publiciteit: in heel Europa lieten deze activisten een spoor van diefstallen achter, en overal haalden ze de media. Daarmee is het thema ”roofkunst” onvermijdelijk naar boven geschoven op de politieke agenda.

                                              Sylvana Simons

                                              Voor menigeen is Sylvana Simons, fractievoorzitter van BIJ1, de belichaming van de woke-beweging in Nederland. Ze wordt gezien als boegbeeld in de strijd tegen racisme en discriminatie, ze strijdt voor vrouwen- en homorechten en wil ”dekolonisatie van het onderwijs” en ”radicale gelijkwaardigheid”. Die idealen spreken wat meer conservatieve Nederlanders niet echt aan, zacht gezegd. Toen Simons de politiek inging, kreeg ze dan ook een stroom van anonieme haat en bedreigingen over zich heen, en moest ze zelfs beveiligd worden. Best heftig. En het lijkt het activisme bij haar voor- en tegenstanders alleen maar versterkt te hebben – wat regelmatig te merken is in de politieke debatten.

                                              Een paar maanden geleden was er bijvoorbeeld een aanvaring met Renske Leijten (SP), waaruit helder bleek hoe verschillend Simons en Leijten naar de problemen in onze samenleving kijken. Voor Sylvana Simons is racisme de grote boosdoener (niet-witte Nederlanders worden benadeeld), terwijl het bij Renske Leijten vooral om klasse gaat (arme Nederlanders, van welke kleur ook, worden benadeeld).

                                              Leijten zei op een gegeven moment dat „ook Nederlanders” slachtoffer waren van de toeslagenaffaire. Daar sprongen de aanhangers van Simons bovenop, want hoezo „óók Nederlanders”? Waren niet-autochtone Nederlanders soms geen échte Nederlanders? Op de sociale media werd Leijten om haar uitspraak hard aangevallen door aanhangers van BIJ1. Waarop ze Simons, haar collega in de Tweede Kamer, vroeg of die haar soms een racist vond. Zo nee, dan moest ze haar aanhang eens wat beter in bedwang houden.

                                              Een kwartier lang hevig bekvechten was het gevolg. Met als bijdrage van Wybren van Haga de vraag of Simons soms ook vond dat hij wel een kogel door z’n kop mocht krijgen (want daarmee was hij door haar aanhang bedreigd op Twitter). Simons zei nee, ze wenste Van Haga niet dood. En daarna greep de voorzitter in en werd het debat voortgezet.

                                              Subsidies

                                              Zulke vervreemdende, persoonlijke conflicten zijn steeds meer aan de orde van de dag. In Den Haag, in de wereld van overheid en ambtenaren, maar ook in de werelden van kunst en cultuur en wetenschap. Musea wedijveren met elkaar in het maken van tentoonstellingen over slavernij en racisme, onderzoeksprojecten aan de universiteit gaan onevenredig vaak over gender, diversiteit en kolonialisme, terwijl er de hele tijd gevraagd wordt om multiculturele, inclusieve, postkoloniale, feministische en niet-westerse invalshoeken.

                                              Dat heeft natuurlijk alles te maken met de subsidies die aan dit soort projecten en instellingen verstrekt worden. De cultuursector heeft dat beleid overigens over zichzelf afgeroepen met de Code Culturele Diversiteit en Inclusie, die de laatste jaren een duidelijke rol speelt bij de beoordeling van subsidieaanvragen. Combineer dat met het feit dat er steeds minder geld is voor cultuur en er dus subsidies stopgezet moeten worden, en het hoeft niet te verbazen dat er de afgelopen jaren de nodige relletjes geweest zijn. Steeds weer wordt de vraag opgeworpen: Gaan subsidies alleen nog naar instellingen met een divers bestuur en genoeg diversiteit in de doelstellingen? En hoezo gaan alle subsidies naar de Randstad – is regionale of levensbeschouwelijke diversiteit dan niet belangrijk meer?



                                              Comment


                                              • vervolg:

                                                Neem de kwestie rond het museum Ons’ Lieve Heer op Solder. Dat museum, een voormalige schuilkerk, is op een na het oudste museum van Amsterdam. Het was aanvankelijk gewijd aan de geschiedenis van de rooms-katholieke minderheid in de stad, maar het is met zijn tijd meegegaan door aandacht te besteden aan religieuze diversiteit en verdraagzaamheid. Niettemin dreigde in 2020 ineens de jaarlijkse subsidie, zes ton van het Amsterdams Fonds voor de Kunst, stopgezet te worden. Er moest bezuinigd worden, dat was de officiële reden. Maar tussen de regels door bleek dat het museum op de lijst van subsidieaanvragers naar beneden geschoven was omdat het volgens de beoordelingscommissie weliswaar voldeed aan de eisen maar ten diepste „westers en christelijk” was en meer aan „diversiteit en inclusie” kon doen.

                                                Er volgde een storm van protest, de gemeente Amsterdam schoot te hulp en stelde alsnog geld ter beschikking voor het museum, en zo kon Ons’ Lieve Heer op Solder toch weer blijven voortbestaan. Maar het voorval is tekenend. Zoals Martin Sommer in een column in de Volkskrant schreef over deze subsidie: „Musea, gezelschappen en muziekgroepen moeten een multiculturele buiging doen, alvorens het kunstfonds überhaupt bereid is een letter van hun subsidieverzoek te lezen. Ineens begrijp ik ook waarom angstige museumdirecteuren een voor een in de krant te biecht gaan over onze verantwoordelijkheid voor de verschrikkingen van de slavernij. Subsidiegever luistert mee.

                                                Angstcultuur


                                                Wat de universiteiten betreft, de laatste tijd vliegen de opiniestukken je om de oren. Mensen die vinden dat ze niet meer vrij hun mening mogen zeggen, dat er een angstcultuur heerst aan de universiteit, dat iedereen buigt voor het woke-denken en niemand er meer iets van durft zeggen. Andere mensen die menen dat dat typisch een reactie is van ”bange witte mannen” die hun macht aan het verliezen zijn, en dat woke juist een verrijking is van de cultuur.

                                                In de Verenigde Staten is de toestand behoorlijk ernstig, daar kunnen mensen hun academische baan verliezen als ze niet in de pas lopen. Daar is zelfs al een ‘eigen’ universiteit opgericht door een groep bezorgde wetenschappers, in Austin (Texas). Een universiteit, „dedicated to the fearless pursuit of truth” (gewijd aan het onbevreesde streven naar de waarheid).

                                                In Nederland is het zo erg nog niet, maar ook hier kunnen sprekers geweigerd worden omdat studenten zich bij hun opvattingen niet veilig zouden voelen – bedenk hoe er aan de Universiteit van Amsterdam actiegevoerd werd toen de Canadese conservatieve hoogleraar Jordan Peterson zou komen spreken. Ook hier kunnen docenten onder druk worden gezet als ze een verkeerd woord gebruiken. Ook hier zijn er verplichte cursussen over diversiteit en ligt het benoemingsbeleid van instellingen onder een vergrootgras: zijn er wel genoeg vrouwen aanwezig, en genoeg mensen van kleur? Staan er niet te veel boeken van oude witte mannen op literatuurlijsten? En hebben de exacte wetenschappen niet een te westers en ‘wit’ idee van waarheid?

                                                In een uitvoerige reportage in NRC Handelsblad, een paar weken geleden, kwamen treffende voorbeelden langs. Een Nijmeegse docent, die in zijn colleges over gender en diversiteit zegt dat er nu eenmaal een biologisch verschil tussen mannen en vrouwen is, krijgt bijvoorbeeld heftige reacties. „Studenten sissen verontwaardigd, lopen boos weg, of stellen in de cursusevaluatie dat hij hierdoor de les ‘onveilig’ maakt voor transstudenten.” Andere studenten eisen intussen een ”safe space”, een aparte plek voor zwarte mensen, omdat die in de ”witte ruimte” van de universiteit beducht moeten zijn voor racisme. Het doet er in deze postmoderne tijd niet toe wat nu objectief waar is of niet: wie zich gekwetst of gediscrimineerd voelt heeft altijd gelijk.



                                                Vormen van achterstand


                                                Intussen zijn er ook tegengeluiden. Die komen van mensen die verdedigen dat studenten wél kennis moeten maken met andere opvattingen, die pleiten voor diversiteit van opvattingen in plaats van diversiteit in kleur of gender, mensen die bezorgde stukken schrijven en blijven pleiten voor onafhankelijk denken en zoeken naar waarheid. In het al eerder genoemde NRC-artikel kwam bijvoorbeeld de Utrechtse rector magnificus Henk Kummeling aan het woord: „De universiteit is bij uitstek de plek om álles te onderzoeken. Je kunt bepaalde meningen niet uitsluiten omdat ze ”onveilig voelen”. Dat is de dood in de pot.”

                                                Ook buiten de universiteiten is er kritiek. Onderzoeker Josse de Voogd –medeauteur van de ”Atlas van afgehaakt Nederland”– benadrukt al een tijdje dat het woke-streven iets is van de elite in de grote steden. En dat het vooral draait om gender en huidskleur, terwijl er zo veel andere vormen van achterstand zijn. Een dorpsjongen uit Groningen is kansarmer dan een zwart meisje uit Amsterdam. Een man met een lichamelijke beperking is kansarmer dan een vrouw met een niet-Nederlandse achtergrond. Maar daar hoor je niemand over, want dat is niet hip.

                                                Gelauwerde schrijvers en kunstenaars durven soms ook hun nek uit te steken. Zo uitte blokfluitiste Lucie Horsch in 2020, toen ze de Nederlandse Muziekprijs kreeg, kritiek op het subsidiebeleid: „Wanneer er alleen nog maar ”hippe”, ”originele” of ”diverse” kunst mag bestaan, dan is het resultaat uiteindelijk juist niet die diversiteit waar zo krampachtig naar wordt gestreefd.” En succesauteur Annejet van der Zijl benadrukte in de interviews rond haar nieuwste boek dat ze geen zin heeft om op bevel van de woke-gemeenschap over ”tot slaaf gemaakten” te schrijven – dat tast wat haar betreft de vrijheid van de schrijver aan.

                                                Menigeen legt er de vinger bij dat de woke-strijders vaak lijken op een groep strenggelovige moralisten, onverbiddellijk afrekenend met alles wat ook maar enigszins van de –in hun ogen– zuivere leer afwijkt. De ”woke-inquisitie”. Dat is natuurlijk altijd het gevaar van de machtigste, de meest toonaangevende levensbeschouwing in een samenleving: dat de aanhangers van die levensbeschouwing andersdenkenden het liefst willen dwingen om zich aan te passen. En daarmee wordt het grote conflict, de grote cultuurstrijd van onze eeuw en onze samenleving zichtbaar.

                                                Regenboogvlag


                                                Christenen gaan daar verschillend mee om. Sommigen omhelzen het woke-gedachtegoed, steken de regenboogvlag uit en proberen meer culturele diversiteit binnen hun gemeenschap gestalte te geven. Anderen trekken zich terug op het eigen eilandje en proberen dat te beschermen tegen alle invloeden van buiten. En nog weer anderen trekken ten strijde tegen ”genderideologie” en ”gelijkheidsstreven”, terwijl ze tegelijkertijd erkennen dat racisme uit den boze is en blij zijn met de #MeToobeweging, die seksueel grensoverschrijdend gedrag aan de kaak stelt.

                                                Maar hoe de reactie ook is, duidelijk is wél dat christenen vaak worstelen om het levensgevoel van deze tijd (gelijke rechten en gelijke behandeling voor alle mensen) te combineren met het traditionele kerkelijke wereldbeeld (dat ontstaan is binnen de context van een voorbije standensamenleving en daar nog altijd de sporen van draagt). Leven in een woke-cultuur stelt kerken en christenen voor nieuwe vragen, die nog veel doordenking nodig hebben. Welke houding is het meest vruchtbaar? Het vertrouwde, witte eilandje met eigen scholen, eigen organisaties en eigen voorzieningen brokkelt langzaam af, en dat zien we met zorg aan. Gaan we vechten om ons plekje in stand te houden, of is dat een onbegaanbare weg?

                                                Een paar jaar geleden zei Barack Obama tegen een publiek van (woke-)studenten: „Soms denk je dat je dingen kunt veranderen door zo veroordelend mogelijk te zijn over andere mensen. Maar als je alleen maar stenen gooit, zul je waarschijnlijk niet erg ver komen.” Dat is niet alleen een les voor de woke-beweging, maar ook voor behoudende christenen. Met kritiek en veroordeling van de anderen kom je er niet. Met het opeisen van je eigen rechten en meegaan in het woke-denken in groepen (”wij tegenover zij”) evenmin.

                                                Recht doen, trouw zijn, de waarheid zoeken, ootmoedig wandelen met God, je naaste liefhebben als jezelf – hoe doe je dat in deze tijd, in deze context, waarin christenen niet de inrichting van de samenleving kunnen bepalen en een houding moeten vinden als niet al te geliefde minderheid? Dat is de vraag die voor de toekomst bepalend zal zijn.

                                                Wat is woke?

                                                ”Woke” betekent letterlijk: ”wakker”, ”ontwaakt”. Mensen die woke zijn, zijn waakzaam op allerlei vormen van sociale onrechtvaardigheid. Het woord is oorspronkelijk afkomstig uit de zwarte getto’s in Amerika, waar mensen in de strijd tegen het schrijnende racisme elkaar bemoedigden met ”stay woke”, ”blijf wakker”.

                                                Pas de laatste tien, twaalf jaar is het woord alom bekend geraakt, vooral via de (sociale) media. Was het aanvankelijk vooral een term die gebruikt werd voor en door zwarte activisten, algauw werd er ook een link gelegd met het feminisme, het klimaatactivisme, de Black Lives Matter-beweging, de dekolonisering van de cultuur en de strijd voor lhbti-rechten en rechten van etnische minderheden. Kortom, tegenwoordig heet iedereen woke die strijdt tegen discriminatie en voor sociale rechtvaardigheid. Overigens heeft ”woke” in sommige kringen inmiddels ook de lading van een scheldwoord gekregen, in de betekenis van: ”al te politiek correct”.

                                                Comment


                                                • Een ieder heeft zijn eigen grens van wat ie wel of niet woke vindt, daar kom je toch nooit uit, zoals met zoveel onderwerpen.

                                                  Comment


                                                  • Ok laten we het topic sluiten dan maar We komen er toch nooit uit

                                                    Comment

                                                    Working...
                                                    X