De uitvoerende Oranjes en daders leven niet meer, kunnen we aub verder?
Announcement
Collapse
No announcement yet.
Woke, de nieuwe maat van wie?
Collapse
X
-
https://www.bnnvara.nl/joop/artikele...telde-richting
Vier de komst van slavernijmuseum, maar wees alert op reactie in tegengestelde richting
De strijd voor erkenning van het slavernijverleden is nog niet gestreden, betoogt Pepijn Brandon in een lezing die hij op 16 augustus hield op een herdenkingsevenement van de Stichting Nusantara-Amsterdam.
Ik wil beginnen de Stichting Nusantara hartelijk te bedanken voor de grote eer om hier te mogen spreken. Eén van de uitgangspunten van de stichting is het doorbreken van de scheiding “Oost” en “West” in Nederlandse herinneringscultuur rond het koloniaal verleden. Dit streven speelt ook in mijn eigen werk als historicus een belangrijke rol. In deze lezing wil ik hier graag aandacht aan besteden vanuit een actueel thema: de hedendaagse omgang met het slavernijverleden.
In de galerij “Vergeten schurken uit het Nederlandse koloniale verleden” zou een bijzondere plek moeten worden ingeruimd voor Adriaan van der Dussen. Deze uit Delft afkomstige zeventiende-eeuwer was als lid van de bestuursraad van de door de Nederlanders veroverde gebieden in Brazilië in de jaren dertig van de zeventiende eeuw één van de hoofdverantwoordelijken voor de invoering van een geregelde slavenhandel waarin duizenden West-Afrikanen door de West-Indische Compagnie werden vervoerd naar die kolonie. In zijn eigen verslaglegging aan de bewindhebbers van de West-Indische Compagnie benadrukte hij dat er zonder slaafgemaakte Afrikanen geen winsten waren te halen uit de suikerplantages in Brazilië, “want geen witte persoon zou zich in Brazilië tot die arbeid zetten, of zulke arbeid kunnen verdragen.” Zijn verslag bevat ook informatie waar in West-Afrika de West-Indische Compagnie mensen zou moeten gaan halen voor de handel, en welke groepen Afrikanen in Brazilië voor hogere en welke voor lagere prijzen verkocht kunnen worden op basis van de veronderstelde karaktertrekken van de verschillende etnische groepen (“arbeidzaam”, “lui”, “opstandig”).
Deze draai naar georganiseerde en grootschalige slavenhandel in Brazilië door de WIC in het midden van de jaren 1630 wordt vaak (ten onrechte) aangehaald als beginpunt van de serieuze Nederlandse betrokkenheid bij de slavernij. Het slavernijverleden van Van der Dussen begon echter minstens twee decennia eerder. Op 12 oktober 1615 liet hij als bevelvoerder voor de VOC zijn schip Oud Zeeland en het jacht De Arend ankeren voor de kampung Mangganitu aan de oostkust van het eiland Siau iets ten noorden van Sulawesi. Daar dwong hij in totaal 124 mannen en jongens, 244 vrouwen en 78 kinderen aan boord om hen te vervoeren naar het eiland Pulau Ai, ongeveer duizend kilometer verder in het Zuiden van de Molukken. Pulau Ai maakte deel uit van de Banda Eilanden, waar de VOC het monopolie probeerde te veroveren op nootmuskaat en foelie. Van der Dussen hielp bij de verovering van dit eiland en verdrijving van de oorspronkelijke bewoners, en werd daarna commandant van het door de VOC daar gebouwde fort met de bloedstollende naam “Revenge”. De door hem onder dwang naar de Banda eilanden vervoerde Siauers waren alleen niet zo geneigd om mee te werken met de plannen van de VOC. Binnen een jaar rapporteerde Van der Dussens opvolger dat een groot deel van hen met hulp van de Bandanezen ontsnapt was naar omliggende eilanden. Van der Dussens acties vonden plaats ruim vijf jaar voor de beruchte verovering van de Banda-eilanden, waarbij Jan Pieterszoon Coen met genocidaal geweld vrijwel de hele oorspronkelijke bevolking verdreef of vermoordde om de noodmuskaatteelt voortaan door slaafgemaakten te laten uitvoeren voor de exclusieve winst van perkeniers en de VOC. Je zou dus kunnen zeggen dat Van der Dussen toen hij in Brazilië aankwam al een ervaringsdeskundige was met de slavernij: uitvoerder van een grootschalige ontvoering van mensen, ervaren met het geweld dat kwam kijken bij het handhaven van het slavernijsysteem, en ervaren met het verzet van tot slaaf gemaakten. Die ervaring was niet beperkt tot het Atlantisch gebied, maar strekte zich uit tot de uiterste grenzen van Nederlandse macht in Oost en West.
Het verhaal van Van der Dussen wijst op een groter fenomeen. De geschiedenis van de slavernij, net als de geschiedenis van het Nederlandse kolonialisme in Azië, Afrika en de beide Amerika’s in bredere zin, is een onderling verweven geschiedenis. Dit geldt voor de individuele loopbanen van daders zoals Van der Dussen, en voor de bestuurs- en handelsnetwerken van gouverneurs, grote slavenhandelaren, plantagehouders, de VOC of de WIC. Hoe kan het ook anders? Op de grachten van Amsterdam of in kleinere compagniesplaatsen als Middelburg, Hoorn of Delft waren de plunderaars en slavenhouders elkaars buren, vrienden, broers en zussen of zwagers. De verbondenheid geldt voor de grootse plannen voor kolonisatie die zij lanceerden. De oprichters van de West-Indische Compagnie waren vol ontzag voor de recente “successen” van de Oost-Indische Compagnie, en hoopten die in Brazilië en het Caribisch gebied te evenaren. Niet toevallig rekruteerden zij voor die plannen graag mensen als Van der Dussen met ervaring in de Indische Oceaan als kapiteins en bestuurders. Piet Hein, bekend om de verovering van een Spaanse zilvervloot, leidde in 1624 de eerste, mislukte Nederlandse poging om het fort Elmina in Ghana te veroveren. Maar al in 1607 voer hij als stuurman voor de VOC naar de Banda eilanden. Op zijn schip bevonden zich ook twee latere VOC Gouverneurs-Generaal Jacques Specx en Jan Pieterszoon Coen. In 1611 leidde Piet Hein twee strafexpedities op Banda Besar en Pulau Run, beide in de Banda Eilanden. Jan Dirksz. Lam, naast Piet Hein een andere belangrijke aanvoerder in de aanval op Elmina, vocht daarvoor in 1616 naast Van der Dussen op Pulau Ai. De vroege Nederlandse slavernijgeschiedenis in Brazilië en West-Afrika is via deze aanvoerders onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van verovering, genocide en slavernij op de Zuid-Molukse Banda Eilanden.
De verbondenheid tussen oost en west uit zich niet alleen in individuele loopbanen, maar ook in de schema’s voor koloniale overheersing en gedwongen arbeid die de Nederlandse staat en koloniale compagnieën ontwikkelden door de hele geschiedenis van het kolonialisme heen. In de zeventiende eeuw, terwijl de Nederlanders steeds meer betrokken raakten bij de trans-Atlantische slavenhandel en in Zuid-Amerika hun eigen plantagekoloniën stichtten, noemden VOC bestuurders ook de niet-Afrikaanse slaafgemaakten in Azië vaak “zwarten” of “negros”, en noemden ze hun boomgaarden naar Caribisch voorbeeld “plantages”. Toen de koloniale overheid in het Nederlands Indië van de negentiende eeuw alternatieve dwangstelsels ging opstellen voor de slavernij, keek ze opnieuw naar het Atlantisch gebied voor voorbeelden: de nog altijd expanderende slavernijplantages in Cuba en Brazilië werden belangrijke voorbeelden voor de groeiende plantagesector op Java, zoals het economische succes van het brute Cultuurstelsel op zijn beurt actief bestudeerd werd door plantagehouders uit Brazilië, Cuba en het Zuiden van de Verenigde Staten. De migratie van contractarbeiders uit Aziatische koloniën werd de “oplossing” voor de begrijpelijke onwil van voormalige slaafgemaakten in Suriname om na de afschaffing van de slavernij op de plantages te blijven werken. De Aziatische contractarbeiders werkten vervolgens in Suriname onder erbarmelijke omstandigheden die in veel opzichten op slavernij leken.
Hoewel de Nederlanders ook in de koloniale tijd, net als vandaag, zeer actief deden aan restrictieve, vaak openlijk racistische migratiebeperking, geldt de geschiedenis van verbondenheid niet alleen voor de kolonisatoren maar ook voor de gekoloniseerden. In Amsterdam en de Kaapkolonie ontstonden al vroeg gemengde gemeenschappen van voormalige slaafgemaakten, matrozen en bediendes uit Azië en Afrika. En tenslotte werd een bewustzijn van gedeeld onrecht in het verleden en heden een belangrijke component van de politiek van dekolonisatie in de twintigste eeuw. Dat is onder andere goed zichtbaar in het werk van de Surinaamse onafhankelijkheidsstrijder Anton de Kom en Indonesische onafhankelijkheidsstrijders als Mohammed Hatta die actief contact zochten met elkaar en solidair waren met elkaars bewegingen. Zo pleitte Anton de Kom ervoor “dat er verband zal worden gezocht tussen Indonesië en Suriname, want in de samenwerking der onderdrukte volken ligt de kracht.”
Kortom, het Nederlandse slavernijverleden en het koloniale verleden zijn geschiedenissen vol wereldomspannende dwarsverbanden. Toch is het geen automatisme dat zij ook op deze verbonden manier verteld worden. Het tegendeel is waar. De norm in de Nederlandse omgang met het koloniale verleden is er van de negentiende eeuw tot de dag van vandaag één van strikte scheiding of zelfs direct contrasteren van de koloniale ervaring in Azië en het Atlantisch gebied. Zoals mijn VU-collega Guno Jones herhaaldelijk heeft betoogd, is deze scheiding zelf een uitingsvorm van hardnekkige koloniale patronen. Nederlandse koloniale bestuurders, net als alle andere kolonisatoren, deelden de werelden die zij zichzelf toe-eigenden continu op in van elkaar gescheiden beheersbare gebiedsdelen met hun eigen soms concurrerende bestuurseenheden. Ze speelden die gebieden tegen elkaar uit door hen de status toe te kennen van “succesvolle kolonie” of “gefaalde kolonie”. Ze ontwierpen raciale hiërarchieën waarin zij de ene groep gekoloniseerden hoger en de andere lager op de ranglijst plaatsten.
Comment
-
Naast die koloniale herinneringsdynamiek zijn er ook andere dynamieken in het spel, die overigens óók niet los staan van de koloniale geschiedenis. De ervaring van meerdere eeuwen slavernij en kolonialisme in alle delen van de wereld is uiteraard geen uniforme ervaring. In grote delen van het Caribisch gebied en flinke delen van het Noord- en Zuid-Amerikaanse vasteland werden vanaf de helft van de zeventiende eeuw bijna industrieel georganiseerde slavenplantages de onbetwiste kern van het koloniale project. In Azië functioneerde slavernij als één van de belangrijke vormen van dwangarbeid naast vele andere vormen. West-Afrikaanse handelaren en vorsten én handelaren en vorsten in de gebieden rond de Indische Oceaan collaboreerden voor eigen gewin met de Europese slavenhandelaren en plantagehouders. Maar in het Atlantisch gebied werden collaboratie en exploitatie van elkaar gescheiden door de onpeilbare, moorddadige diepte van de middenpassage terwijl Europese, Aziatische en Indo-Europese elites rond de Indische Oceaan dicht bij elkaar opereerden. Racialisering was in alle Nederlandse koloniën onderdeel van de organisatie van slavernij en koloniaal bestuur, maar werkte waarschijnlijk wel anders in de Atlantische context waarin status en kleur direct aan elkaar gekoppeld waren. Vanaf de eerste dag waarop zij zelf de slavernij hadden afgeschaft, gebruikten de Nederlanders in de Indonesische archipel de strijd tegen de slavernij bovendien op cynische en hypocriete wijze als rechtvaardiging voor uitbreiding van het koloniale bewind. Dit gebeurde juist op het moment dat de Nederlandse territoriale expansie een hoogtepunt bereikte. Het is dan ook niet vreemd dat in de politiek van de onafhankelijkheidsbewegingen in Indonesië de herinnering aan slavernij een andere plaats kreeg dan in die in het Caribisch gebied. Een nieuw, kritisch verhaal over het wereldwijde Nederlandse slavernijverleden en koloniale verleden moet ook voor deze verschillen in dynamiek oog hebben. Terecht eisen de nazaten van de slavernij in het Nederland van nu aandacht en oog voor de vele eigen, specifieke slavernijverledens, naast de brede en algemene erkenning van de slavernij als misdaad tegen de menselijkheid.
De komst van een nationaal museum over het Nederlandse slavernijverleden biedt kansen om de wereldwijde betrokkenheid bij de slavernij zichtbaar te maken, met aandacht voor de dwarsverbanden tussen én voor de eigenheid van de vele verschillende slavernijverledens die deze geschiedenis herbergt. Maar de voorbereidingen voor het museum hebben helaas tot nu toe ook al een aantal pijnlijke voorbeelden laten zien waaruit blijkt dat de terechte vraag om een brede en inclusieve benadering kan vervallen in een destructieve concurrentiestrijd om aandacht en middelen tussen verschillende groepen nazaten van de slachtoffers van het Nederlandse koloniale verleden. Ik hoop dat hierop een antwoord wordt gevonden. Tegenstanders van erkenning voor het slavernijverleden zullen dergelijke strijd zeker gebruiken om het streven naar een nationaal museum als zodanig verdacht te maken. Eén van de meest merkwaardige voorbeelden hiervan is een artikel van de conservatieve historicus Piet Emmer op het uiterst rechtse weblog Wynia’s Week, waarin hij betoogt dat het geplande slavernijverleden niet voldoende “inclusief” is omdat het alleen over het Caribisch gebied gaat. Dit is dezelfde Piet Emmer die betoogt dat slaafgemaakten dankbaar waren voor het brandmerk, en die het Nederlandse kolonialisme in Indonesië afschildert als een grote zegening voor de Indonesische bevolking. Ik noem dit hier slechts om aan te geven hoe groot het belang is om te komen tot een benadering die wél recht doet aan het slavernijverleden in brede zin, zonder dat dit ten koste gaat van de hard bevochten erkenning van het leed van iedere groep hierbinnen.
Het is niet mijn plaats als witte historicus om aanbevelingen te doen hoe verschillende groepen nazaten zich zouden moeten opstellen in deze kwestie. Wat mijn rol wel is, is om te constateren dat de Nederlandse geschiedschrijving tot nu toe ernstig tekort heeft geschoten als het gaat om het doorbreken van de oude koloniale benadering van scheidslijnen, hiërarchieën, verschillen en contrasten. Waar oost en west wel worden samengebracht, vervalt dit makkelijk tot de even koloniale benadering waarin de hele wereld wordt onderverdeeld in een simpele tegenstelling tussen kolonisatoren en gekoloniseerden. Enkele belangrijke uitzonderingen daargelaten, ligt de taak voor het schrijven van een werkelijk verbonden geschiedenis van de slavernij nog voor ons. Als we willen dat het toekomstige museum kan putten uit de verhalen die nodig zijn om de geschiedenis van slavernij en kolonialisme opnieuw te vertellen met oog voor wereldwijde dwarsverbanden, dan moeten we aan de slag. Dat laatste is zeker niet het werk van beroepshistorici alleen. Ook grassroots organisaties als de Stichting Nusantara Amsterdam en Zwart x Oranje zetten zich hiervoor in. Ik weet ook dat de kwartiermakers die nu werken aan de invulling van het museum open staan voor de zoektocht naar een nieuw verhaal, een nieuwe benadering die de vele dwarsverbanden in dit verleden zichtbaar maakt, waarin de nazaten van alle slachtoffers van de slavernij in de Nederlandse koloniën recht wordt gedaan.
Dat erkenning voor en verwerking van het koloniaal verleden geen ononderbroken lijn omhoog vormt, zagen wij vorige week weer met de uitnodiging van de dochter van Kapitein Westerling bij de Amsterdamse Nederlands-Indië Herdenking, die burgemeester Halsema terecht beantwoordde door zich terug te trekken als spreker. Voor sommigen betekent “inclusieve geschiedenis” kennelijk dat de stem van de daders even zwaar weegt als de stem van de slachtoffers. De herinnering aan, herdenking van en herstel voor het Nederlandse slavernijverleden is een speerpunt in de ontwikkeling van een nieuw, kritisch bewustzijn over het Nederlandse koloniale verleden – net zoals de moeizame omgang met de dekolonisatieoorlog in Indonesië dat is. Vooral dankzij tientallen jaren campagne voeren door mensen met een achtergrond in voormalige Nederlandse koloniën zijn er op het terrein van de omgang met het slavernijverleden in de afgelopen jaren grote en belangrijke stappen gezet, en de komst van het museum is naast de excuses wat mij betreft daarvan één van de meest tastbare resultaten. Ongeacht de vorm die dit museum straks zal krijgen, is dit een resultaat dat wij moeten vieren. Maar precies omdat het slavernijverleden een speerpunt is in de ontwikkeling van dit kritische verhaal, roept elke nieuwe stap vooruit ook een reactie op in tegengestelde richting. In de toespraak waarin premier Rutte namens de Nederlandse staat officieel excuses aanbood voor de wereldwijde betrokkenheid bij slavenhandel en slavernij, zei Rutte zoals bekend dat er achter het Nederlandse slavernijverleden een komma staat, geen punt.
Deze uitspraak ontleende zijn speechschrijver zonder bronvermelding aan een interview in het tijdschrift Vers Beton met de kunstenaar Serena Angelista. Die reflecteerde onlangs kritisch op het gebruik van haar woorden. Op de vraag of haar uitspraak goed begrepen was, antwoordde ze bevestigend. Maar ze voegde daar ook aan toe: “Maar in dit geval staat degene die de woorden uitsprak symbool voor de scheve verhoudingen in Nederland. Degene die het zegt geeft kleur aan zo’n zin.” Inmiddels is ook het laatste kabinet-Rutte gevallen, opnieuw over de vraag of zwarte levens er in het huidige Nederland echt toe doen. Zeker in het huidige politieke klimaat mogen wij er niet klakkeloos van uitgaan dat wat volgt na “Ruttes komma” de strekking van wat eraan voorafging ook beter maakt. Grotere aandacht voor het slavernijverleden en koloniale verleden is belangrijk, maar een flink deel van de Nederlandse bevolking is nog altijd trots op het koloniale verleden, en stemt op partijen die de ook de geringe stappen in erkenning en herdenking die tot nu toe zijn gezet het liefst terug zouden draaien. De strijd voor erkenning van het slavernijverleden is nog niet gestreden, en het verhaal van dat verleden is nog niet volledig geschreven.
Comment
-
https://www.ad.nl/nederlands-voetbal...llen~a5d1b3b1/
De OneLove-armband. © Pro Shots / Sonny LensenGeen regenboogband meer in eredivisie dit seizoen, tenzij clubs het zelf willen
Er wordt dit seizoen geen regenboogband gedragen door spelers in de eredivisie, tenzij clubs zelf bepalen of zij dat willen. Dat werd woensdagmiddag duidelijk tijdens een online symposium van de KNVB dat werd georganiseerd op de nationale Coming Out Day, een dag waarop aandacht wordt besteed aan het openlijk uitkomen voor seksuele geaardheid of genderidentiteit.
,,De verantwoordelijkheid om de armband te dragen ligt nu bij de clubs zelf”, zei Houssin Bezzai die programmamanager racisme en discriminatie is bij de KNVB.
Het dragen van de One Love armband (die staat voor liefde voor iedereen) zorgde vorig seizoen voor de nodige opschudding toen Feyenoord-aanvoerder Orkun Kökçü en Excelsior-captain Redouan El Yaakoubi deze weigerden te dragen tijdens de wedstrijden van hun clubs. Kökçü was daarop een wedstrijd geen aanvoerder van zijn club.
Op het afgelopen WK in Qatar werd het dragen van de armband bovendien verboden door de FIFA. Onder anderen Oranje-aanvoerder Virgil van Dijk was aanvankelijk van plan om de regenboogarmband te dragen tijdens wedstrijden.
Orkun Kökcü en Redouan El Yaakoubi weigerden de OneLove-band te dragen. © Pro Shots/ANPTeleurstelling
Op het symposium werd met teleurstelling gereageerd op het nieuws dat de armband dit seizoen niet zal worden gedragen. Zo zei Thomas Pruijsen van de John Blankenstein Foundation (een organisatie die strijdt voor acceptatie van LHBT’ers in de sport): ,,Ik zou de clubs willen oproepen om de band alsnog te dragen. Het lijkt nu net of er geluisterd is naar de criticasters die de band afgelopen seizoen al geen goed idee vonden terwijl wij de boodschap achter de band superbelangrijk vinden.” Bezzai zegt dat de boodschap achter de armband blijft bestaan.
De KNVB sprak verder de hoop uit om homofobe spreekkoren uit de stadions te bannen al is het volgens de bond nog lastig om dergelijke spreekkoren strafbaar te maken: ,,Daarin hebben we volledige medewerking van de clubs nodig. Bij antisemitische en racistische spreekkoren kan er direct worden ingegrepen en wordt de wedstrijd direct stilgelegd. Dat moet bij homofobe spreekkoren ook het geval zijn”, aldus Bezzai.
Comment
-
-
https://www.telegraaf.nl/nieuws/5416...universiteiten
Woke-intolerantie op universiteiten
Met de uit Amerika overgewaaide woke-ideologie en bijbehorende terminologie stelden universiteiten de laatste jaren in hoog tempo diversity officers aan, die onder andere als doel kregen om safe spaces te creëren voor minderheidsgroepen binnen de organisatie.
Helaas zien Joodse studenten de afgelopen drie weken dat de aanwezige diverstiteitsmedewerkers er niet in weten te slagen om een zogenaamde safe space voor hen te bewerkstelligen. Ze zien met lede ogen aan hoe de tolerantie van medestudenten en docenten richting hen afneemt.
De diversity officers zitten ondertussen klem. Ze danken hun bestaansrecht aan woke-activisten die het voor elkaar kregen dat academische instellingen door de knieën gingen. Centraal in hun gedachtegoed staat dekolonisatie. En precies dat, het vermeende kolonialisme van Israël, is een doorn in het oog van docenten en studenten die universiteiten oproepen zich pro-Palestina uit te spreken.
Terecht slaan universiteiten verzoeken kant te kiezen voor Israël of de Palestijnen af. Dat is niet de rol van academische organisaties. Wel dienen ze ervoor te zorgen dat studenten en docenten zich veilig voelen en dat ook zijn. Het toestaan van demonstraties binnen de gebouwen met spandoeken die niets aan de verbeelding overlaten, helpen daar niet bij. Net zo min als diversiteitsdienaren die alleen oog hebben voor gelijkgestemden.
Comment
-
https://intrigerend.nl/intrigerend/m...g-intrigerend/
Maarten van Rossum op vingers getikt door opmerking die niet meer van deze tijd is!
In het spectrum van Nederlandse publieke figuren is Maarten van Rossem een naam die opvalt – een persoonlijkheid die sterk verdeelde reacties oproept.
Er zijn diegenen die hem verafgoden voor zijn brede kennis en ongefilterde uitspraken, en anderen die minder te spreken zijn over zijn scherpe commentaren.
Een ding is zeker: zet je de radio of televisie aan, dan is de kans aanzienlijk dat je de kenmerkende tonen van Van Rossem’s stem tegenkomt.
In een recente uitzending met Mischa Blok, maakte Van Rossem een opmerking over de fascinerende Willem Oltmans, die door Rogier Smit als vader is geclaimd.
Van Rossem deelde een persoonlijke anekdote met de luisteraars: “Ik ging een lezing doen in Leiden voor de studenten. Daar was ook Willem Oltmans”, waarmee hij weer een staaltje van zijn betrokkenheid bij de Nederlandse intellectuele scene toonde.
Deze laatste uitspraak van Van Rossem is illustratief voor de manier waarop hij voetstappen achterlaat in het Nederlandse medialandschap – soms controversieel, maar altijd onvergetelijk.
Terwijl hij de ene na de andere monoloog levert, blijft de luisteraar geboeid, zelfs als sommige van zijn uitspraken een wenkbrauw doen fronsen in het hedendaagse maatschappelijke debat.
“Ik was totaal niet voorbereid op het feit dat Willem Oltmans een van de meest agressieve relnichten was die je je maar voor kunt stellen. Dus ik werd gewoon weggereld.” Een verrassende ontmoeting die Maarten nog lang bijbleef.
Maarten’s woordkeuze stuit echter op weerstand: ‘relnicht’? Is dat nog wel van deze tijd? Mischa Blok onderbreekt hem en vraagt om opheldering: “Kun je nog nicht zeggen anno 2023?”
Hij antwoordt: “Ja, waarom niet?” De discussie laait op als Mischa de gevoeligheden aankaart, maar Maarten blijft bij zijn standpunt: “Nichterig gedrag? Wat is daar tegen?”
Mischa probeert het gesprek nog te sussen: “Nee, gewoon ‘gedrag’.” Maarten houdt voet bij stuk: “Gewoon gedrag? Nee, het is juist géén gewoon gedrag.”
Wanneer het vervolgens over het woke cultuur gaat laat Maarten van Rossum duidelijk weten dat hij daar geen fan van is. “Het is grotendeels modieuze onzin.”
Volgens hem moeten we niet de essentie uit het oog verliezen: “Vooral omdat je al gauw denkt dat het ontzettend belangrijk is en dan de belangrijke dingen gemakkelijk vergeet.”
Comment
-
-Paul Cliteur- Het ware gezicht van Greta Thunberg: woke-activiste
In “Het ware gezicht van Greta Thunberg: Klimaatactivist of ordinaire antisemiet?” (DDS, 13 november 2023) geeft DDS een portret van de klimaatactiviste Thunberg. Thunberg trad op bij de Mars voor het Klimaat in Amsterdam. Daar gebeurde iets interessants. Zoals gebruikelijk bij woke-activisten probeerde Thunberg klimaatactivisme te koppelen aan een ander soort activisme, namelijk dat voor de Palestijnen.
Toen gebeurde iets bijzonders. Een man met een opvallend groen jasje bekom het podium om de microfoon van Greta Thunberg af te pakken. Het bleek te gaan om een voormalig kandidaat-lid van Water Natuurlijk, de grootste waterschapspartij van het land. Het standpunt van de man was volkomen duidelijk: ik kom voor klimaatactivisme, niet voor reclame voor Hamas of de Palestijnse zaak. En wat blijkt? Die man gaat viraal met zijn protest. Hij krijgt interviewaanvragen van talloze buitenlandse kranten, schrijft het AD. Op zijn verzoek is zijn naam van de site van de partij gehaald, want hij kan al die aandacht moeilijk aan.
Het mooie van deze actie is dat het ons de ogen kan doen openen dat niet alle vormen van activisme één en hetzelfde zijn. Je kan heel goed klimaatactivist zijn, maar tevens voor 100% achter Israël staan en niet achter de Palestijnse zaak. Maar dat gaat in tegen een tegenwoordig wijdverbreide overtuiging, een kolossaal waanidee eigenlijk, dat op de een of andere manier alle vormen van protesten tegen “onrecht” één en hetzelfde zijn.
Niet dus.
Dat heeft ook gevolgen voor dat LBGTI-gedoe. De vertegenwoordigers van die letters voeren niet één strijd. Er bestaat ook geen “LBGTI-gemeenschap”. En ook bestaat geen alliantie tussen klimaatdrammers en Palestijnen. Die groepjes met spandoeken als “Queers for Palestine” of (in Nederland) “Potten voor Palestina” zijn om twee redenen de weg volkomen kwijt.
Allereerst omdat in een theocratie onder leiding van Hamas potten en queers als eerste van de gebouwen zullen worden gegooid. Zij hadden dus moeten lopen met spandoeken “Turkeys voting for Christmas”.
Maar ook om de tweede reden dat een lesbische status of die van “queer” helemaal niets impliceert over het Palestijns/Israëlisch conflict.
We zijn de klimaatactivist die het podium opklom om het klimaatprinsesje Thunberg de microfoon uit de handen te trekken dus wel wat dank verschuldigd. Ook al is hij dan nu zelf enigszins geïntimideerd door de aandacht die hij met zijn actie heeft gekregen.
Comment
-
https://www.ad.nl/binnenland/hoe-lin...elen~a1e593a4/
PREMIUMPVV-leider Geert Wilders na zijn verkiezingsoverwinning in november. © Getty Images
Hoe linkse woke rechts-populisme in de hand werkt: ‘We zijn mensen weer op ras en gender gaan indelen’
INTERVIEWDe wereldwijde opkomst van rechtse populistische leiders, zoals Geert Wilders, heeft alles te maken met de woke-ideologie van links, betoogt de Amerikaanse politicoloog Yascha Mounk. De linkse focus op ras en gender doet de maatschappij meer kwaad dan goed. ,,Ik roep iedereen op uit de eigen sociale bubbel te komen”, stelt Mounk tijdens een interview.
Wie kijkt naar de politieke verschuivingen in de wereld van de afgelopen jaren, kan nauwelijks verrast zijn door de verkiezingsoverwinning van de PVV vorige maand in Nederland. Die past namelijk naadloos in de opkomst van Trump in de VS, Bolsonaro in Brazilië, Milei in Argentinië en Johnson in Engeland.
,,Natuurlijk heeft de zege van Wilders in Nederland er ook mee te maken dat één partij al 12 jaar aan de macht was. En spelen de woningnood en de inflatie mee.” Maar, zegt Yascha Mounk, hoogleraar politieke wetenschappen aan de prestigieuze Amerikaanse Harvard-universiteit, een belangrijkere vraag is: ,,Als de Nederlandse kiezers verandering wilden, waarom kozen ze dan voor radicaal-rechts en niet voor het midden of links?”
Dat komt, volgens Mounk, ‘omdat een groeiend aantal mensen in de de VS, het Verenigd Koninkrijk en ook in Nederland het gevoel hebben dat een aantal van de belangrijkste instituties in de maatschappij ver van hun eigen normen en waarden af zijn gaan staan’. ,,Dat heeft te maken met een nieuwe, best radicale serie ideeën over ras, gender en seksuele oriëntatie die een groeiende invloed hebben gekregen op universiteiten, publieke omroepen en bedrijven.“
Heeft u een voorbeeld van die ideeën?
,,Er zijn Amerikaanse privéscholenscholen waar leerlingen van 7, 8 jaar oud voor speciale lessen onderverdeeld worden op ras: de zwarte kinderen samen, de Aziatische, de latino’s en de witte. Zo worden ze zich dan bewuster van hun ras, waardoor mensen uit een minderheidsgroep zich beter kunnen verzetten tegen onrechtvaardigheid. Witte leerlingen zouden zich dan meer bewust worden van hun witte privilege.’’
,,Maar uit de wetenschap blijkt dat dat naïef is. Je identificeert je juist meer met mensen die in je eigen groep zitten. Als de bedoeling is om witte kinderen antiracistisch op te voeden, denk ik dat hierdoor juist het tegenovergestelde gebeurt en er een generatie van racisten en white supremacists ontstaat. Het zijn gewoon slechte ideeën.”
Het is, in een notendop, wat Mounk (uit 1982) in zijn net in het Nederlands vertaalde boek De Indentiteitsval noemt: de maatschappelijke gevaren van die nieuwe, op identiteit gebaseerde ideologie. De geboren Duitser, van Pools-Joodse afkomst, maakt zich er zorgen over. ,,Want zelfs de nobelste mensen kunnen ongewild grote schade aanrichten’’, zo schrijft hij.
,,Wie zichzelf als ‘links’ identificeerde stond erop dat een mens geen stempeltje mag krijgen naar religie, huidskleur, afkomst of seksuele oriëntatie. Maar nu gaan we uit progressieve keuzes juist weer indelen op bijvoorbeeld ras, om je zo te identificeren.”
Yascha Mounk. © Getty Images
Die nieuwe ideologie, die we ‘woke’ zijn gaan noemen, zorgt juist voor meer polarisering dan voor samenhang en vooruitgang, betoogt Mounk. We kijken niet meer naar wat ons verbindt, maar juist naar waarin we verschillen. ,,Natuurlijk zijn er problemen met discriminatie en racisme in de Nederlandse maatschappij. Maar je kunt toch niet ontkennen dat er in Nederland, net zoals in Amerika, de afgelopen 100, 150 jaar grote stappen zijn gezet in gelijkheid van mensen? Dat er fundamentele verbeteringen zijn doorgevoerd in de maatschappij.”
,,Het ging de oorspronkelijke burgerrechtenactivisten om inclusiviteit, om gelijke rechten wat betreft ras en homoseksualiteit. Zij hadden een winnend argument. Maar er zijn nu activisten die stellen dat er helemaal geen vooruitgang is geboekt en de wereld opdelen in twee typen mensen: racist of geen racist. Als je daar kritiek op hebt, zeggen ze dat het ‘witte gevoeligheid’ is. Dan zeg je dus eigenlijk dat iedereen die kritiek op je levert kwaadaardig is. Daar komt bij dat die activisten lang niet voor de hele gemeenschap spreken.’’
Woke-activisten en rechtse populisten lijken elkaars tegenstanders, maar u beschrijft ze juist als ying en yang, als krachten die elkaar versterken. Op die manier speelt woke-links dus juist mensen in de kaart die u ‘gevaarlijke demagogen’ noemt?
,,Demagogen spinnen er garen bij als samenlevingen sterk zijn gepolariseerd. En populisten, zowel van links als rechts, doen alsof alleen zij de stem van het volk zijn. Wie daar tegenin gaat, zou dan automatisch tegen de wil van het volk zijn. Daarmee ondergraven ze de liberale democratie en dat is gevaarlijk.”
U schrijft dat het nieuwe identiteitsdenken ‘waarschijnlijk eerder tot een samenleving leidt die bestaat uit elkaar bestrijdende clans dan uit samenwerkende medeburgers’ en voorspelt moeilijke jaren. Wat zouden we volgens u moeten doen om dat te voorkomen?
,,Van wat ik zie, is deze ideologie in Nederland en Europa nog minder door de maatschappij verspreid dan in de VS. Dus ik roep iedereen op uit de eigen sociale bubbel te komen en weer echt naar elkaar te luisteren. Zodat mensen zich realiseren dat het continu benoemen van identiteit juist contraproductief is. Wie zich wil inzetten voor de vrije samenleving, zou beide verschijnselen, het populisme en het identiteitsdenken, moeten bestrijden.”
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/entertainme...ircus-geworden
’Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen’
Raymond van het Groenewoud (73) haalt met nieuw album uit naar woke: ’Het is een circus geworden’
AMSTERDAM - Muzikant Raymond van het Groenewoud (73) staat weer midden in de belangstelling. Hij dropte een nieuw album en vorige week donderdag stond hij voor het eerst van zijn leven in Carré, en dat als zoon van Amsterdamse ouders. De huidige tijdsgeest bevalt hem maar matig. De vriendelijke Belg heeft weinig op met woke en heeft meer waardering voor politici die de boel bij elkaar proberen te houden.
© ANP/HH
Raymond van het Groenewoud: „Ik wantrouw moraalridders, ik wantrouw fatsoensrakkers. Die doen me denken aan het oerbeeld van de priester die Gods woord verkondigt, maar ondertussen aan de jongetjes zit.”
De nieuwe plaat van Raymond van het Groenewoud, met als titel Egoïst, draait onder meer om hypocrisie en ergernissen uit het dagelijks leven. De artiest maakt zich onder meer druk over discussies als het klimaat, armoede en #metoo. „Daarin laten veel fatsoensrakkers en moraalridders van zich horen. Tegenwoordig heet dat woke, maar wie zonder zonde is, werpe de eerste steen. Ik wantrouw moraalridders, ik wantrouw fatsoensrakkers. Die doen me denken aan het oerbeeld van de priester die Gods woord verkondigt, maar ondertussen aan de jongetjes zit.”
Vooral de fatsoensrakkers op sociale media moeten het ontgelden bij Van het Groenewoud. „Van de daken schreeuwen hoe verontwaardigd je bent, is een makkie op sociale media en kost maar een minuutje. Naar mijn mening is dat verontwaardiging die niets voorstelt. Mijn groot respect gaat uit naar dokters en verplegers en het Rode Kruis. Daarvoor buig ik zeer diep. Dat is engagement.”
Slappe knieën
Het lied Propere lei, waarin Van het Groenewoud het onder meer over dickpics heeft, gaat over de publieke veroordeling van mensen. Het voorbeeld van voetbaldirecteur Marc Overmars bij Ajax houdt de Belg nog steeds bezig. Hij verwijt de directie van de Amsterdamse voetbalclub slappe knieën. „Het sturen van dickpics is natuurlijk van een kinderachtigheid, maar als werkgever zou ik zeggen dat hij dat moet laten. Overmars was een fantastische directeur. Laten we volwassen met elkaar omgaan. Ik ken ook veel vrouwen die zich afvragen waarover een discussie als deze nou precies gaat. Maar het heeft blijkbaar te maken met vrouwen die zelf dat varkentje even willen wassen.”
© CHARLIE DE KEERSMAECKER/EXCELSIOR RECORDS
Van het Groenewoud produceerde zijn nieuwe album zelf. „Als ik nu thuis de plaat opzet, gaat er een gevoel van opluchting door me heen en ben ik blij wat ik hoor.”
Cancelen is volgens de populaire Belg net zo kinderachtig als het sturen van een dickpic. „Natuurlijk, ik weet dat vrouwen worden lastiggevallen, en dat is niet goed. Maar ik vraag me af of dit de manier is waarop we met elkaar moeten omgaan. Het is een circus geworden.”Vriendschap
Ook is er een stukje van zijn leven gestorven op het nieuwe album. Op de song Verlaten gebouw heeft Van het Groenewoud het over de hechte vriendschap van zijn ouders met twee andere koppels. Enkele jaren voor de geboorte van de muzikant vluchtte zijn vader, samen met enkele vrienden, van Nederland naar België om maar niet te hoeven deelnemen aan de politionele acties van het Nederlandse leger in Nederlands-Indië. „Ik kreeg het te kwaad toen de zesde en laatste van deze drie koppels overleed; toen dacht ik: ’Alles is weg’. Ik zing daarover in Verlaten gebouw. Er viel op dat moment zo veel liefde weg, dat ik de drang had om het vast te leggen.”
Het is voor het eerst in zijn lange carrière dat Van het Groenewoud zijn plaat zelf heeft geproduceerd. „Ik was altijd blij met producers en het werk wat ze deden, maar gaandeweg merkte ik dat het resultaat van mijn uitgebrachte muziek niet altijd was wat ik beoogde. Dan moet ik de stap zetten om het zelf te doen, dus dat heb ik de afgelopen twaalf maanden gedaan.”
© MARC T PHOTOGRAPHY/EXCELSIOR RECORDS
„De uitstraling van een door mij geadoreerde vrouw blijft mooi: zo mooi als de zon en de maan en de blauwe lucht en de bomen”, aldus Van het Groenewoud.
„Daar ben ik blij mee. Als ik nu thuis de plaat opzet, gaat er een gevoel van opluchting door me heen en ben ik blij wat ik hoor. Ik ervaar een gevoel van warmte en vind dat je hoort dat mensen samen aan het spelen zijn. Je hoort dat het album door mensen is gemaakt in plaats van door de knopjes van een producer. Dat is ook het plezier van live muziek maken. Het is dichtbij mezelf wat nu op de plaat staat.”Vrouwen
Al ruim een halve eeuw staat Van het Groenewoud op het podium en dat hoopt hij nog lang te doen. Het lied Meisjes maakte hem in 1977 in één klap beroemd in Nederland, hoewel de omroepen KRO en NCRV het lied niet op de radio wilden draaien vanwege de ironische regels ’ze komen zelden klaar, meneer’ en ’ze komen goed van pas’.
Het lied tekende de grote liefde van de Belgische woordkunstenaar voor vrouwen. Inmiddels is hij een man van boven de zeventig, maar hij kijkt nog steeds om als er iets moois voorbijkomt. „Laten we zeggen dat ik vroeger meer verlangen had, terwijl het nu meer ontroering is wat de natuur me aanbiedt. De uitstraling van een door mij geadoreerde vrouw blijft mooi: zo mooi als de zon en de maan en de blauwe lucht en de bomen. Dat is voor altijd.”
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/watuzegt/10...ke-gemeenschap
’Af van mening woke-gemeenschap’
Mediakenner Victor Vlam vraagt zich af een hereniging tussen Gerard Joling en Gordon nog wel goed zal uitpakken, weet lezer Jan Pronk.
Naar zijn idee is de tijdsgeest erg gevoelig en ook de woke-gemeenschap zal de grappen van het tweetal niet altijd kunnen waarderen. Maar dat is nu precies waar het fout gaat. Waarom wordt überhaupt de mening van wokers nog mee genomen in de overwegingen? Een kleine groep wil ondertussen voor heel Nederland bepalen wat er wel en niet door de beugel kan en daar moeten we vanaf. Kijk naar de mannen van VI, die trekken zich nergens wat van aan en hebben een uiterst succesvol programma. Zij bepalen wat er besproken wordt en op welke manier en niemand anders.
Comment
-
https://www.ad.nl/show/ook-james-bon...eeld~af96fd14/
Een beeld uit 'Goldfinger'. Bij deze film wordt voortaan gewaarschuwd dat de manier waarop Bond het vrouwelijke personage overtuigt seks te hebben terwijl zij duidelijk nee zegt, niet goed is. © Mag Archive
Ook James Bond krijgt waarschuwing: Britse Filminstituut verwittigt voortaan voor 'stereotypen’ in beeld
Het Britse Filminstituut (BFI) gaat bezoekers bij speciale vertoningen van oudere bioscoopfilms waarschuwen dat de verhalen ‘stereotype beelden’ bevatten die tegenwoordig als beledigend kunnen worden ervaren. Dit gebeurt voor het eerst in februari, als het BFI een retrospectief wijdt aan componist John Barry. In het programma zitten meerdere oudere Bond-films waarvoor Barry de muziek maakte, zoals Goldfinger en You Only Live Twice.
Volgens The Guardian wil het BFI met de waarschuwing vooraf duidelijk maken dat bepaalde verhaallijnen, grappen of situaties naar huidige maatschappelijke maatstaven niet meer zouden kunnen. ,,De films die we vertonen hebben grote historische, culturele of kunstzinnige waarde”, staat in de tekst. ,,Maar inhoudelijk zijn er zaken te zien waar het BFI niet achter staat.”
Bij sommige films wordt een extra duiding gegeven waarvoor wordt gewaarschuwd. Zo stelt BFI dat in You Only Live Twice uit 1965, die zich grotendeels in Azië afspeelt, ‘gedateerde stereotypen bevat als het gaat om ras’. Zo probeert geheim agent 007, gespeeld door Sean Connery, zich te vermommen als Aziaat.
Jonge kijkers
Bij Goldfinger (1964) wordt gewaarschuwd dat de manier waarop Bond het vrouwelijke personage Pussy Galore (Honor Blackman) overtuigt seks te hebben terwijl zij duidelijk ‘nee’ zegt, niet goed is. Het personage Pussy was in het boek van schrijver Ian Fleming nadrukkelijk gay. Fleming stelde in een toelichting bij zijn boek dat hij dacht dat zij ‘met de aanraking van de juiste man’ wel van gedachten zou kunnen veranderen.
Het BFI stelt in een toelichting dat de films nog steeds grote waarde hebben, maar dat het belangrijk is dat vooral jonge kijkers leren dat zeker oude films wel in de context van de tijd moeten worden gezien. Het besluit om deze ‘trigger warnings’ voor films te plaatsen, volgt op een groot onderzoek van de Britse filmkeuring in 2021, waaruit bleek dat veel kijkers dit soort nuanceringen bij oudere films een goed idee vonden.
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/nieuws/1801...zin-verkondigt
Ophef om uitspraken van kwartiermaker slavernijmuseum over VOC-schip: ’Informeer jezelf voordat je onzin verkondigt!’
AMSTERDAM - Op sociale media is ophef ontstaan over een fragment uit een reportage van Nieuwsuur, waarin de komst van een Nationaal Slavernijmuseum aan bod komt. Het gaat om onjuiste informatie over een VOC-schip. Het slavernijmuseum zou in 2029 in Amsterdam moeten komen.
© TWYCER
De replica van het VOC-schip aan de steiger van het Scheepvaartmuseum in Amsterdam.
In de reportage, die zondagavond werd uitgezonden, is John Leerdam aan het woord. Leerdam, voormalig lid van de Tweede Kamerfractie van de PvdA, is als zogenoemde ’kwartiermaker’ betrokken bij de totstandkoming van het slavernijmuseum.
Replica
Een gedeelte van de opnames voor de reportage zijn gemaakt bij het Scheepvaartmuseum in Amsterdam, waar sinds 1991 aan de steiger een replica van een VOC-schip ligt. Leerdam zegt daarover: „Dit is een replica van het schip dat vroeger in de 17e, 18e eeuw de slaven verplaatste van het ene continent naar de ander. Als je dan weet hoeveel mensen men vervoerde, betekent ook dat je je afvraagt hoe hebben ze dat in godsnaam kunnen doen?”
De opmerking doet stof opwaaien op sociale media. Het VOC-schip in kwestie, zowel de replica als het origineel, zou nooit slaven vervoerd hebben. Het vertrok voor zijn eerste tochtje uit Nederland, maar strandde al in Engeland, is te lezen op de website van het museum.
Leerdam zou dus ’onwaarheden verkondigen.’ „Het gebrek aan historische kennis is weerzinwekkend. Vanuit de woke-hoek wordt desinformatie verspreid om een valse agenda door te drukken”, schrijft iemand op X. Een ander, eveneens op X: „De VOC heeft zich nooit beziggehouden met de slavenhandel. Dat was de West Indische Compagnie. Informeer jezelf voordat je onzin verkondigt!”Huisslaven
Ook volgens historicus en expert op het gebied van ons koloniale verleden Piet Emmer zijn Leerdams uitspraken onjuist. „Het is juist dat ook de VOC in (Aziatische) slaven handelde tussen de gebieden in Azië. Die slaven kocht de Compagnie van Aziaten, maar de VOC heeft bijna geen slaven van Azië naar een ander continent vervoerd. Als de VOC-ambtenaren naar Nederland terugkeerden, verkochten ze hun huisslaven meestal al op Kaap de Goede Hoop.”
Op de website van het Scheeptvaartmuseum valt te lezen dat het schip een replica is van het VOC-schip ’De Amsterdam’: een goederenschip van de VOC. „De originele Amsterdam vertrok in 1749 vanaf Texel voor haar eerste reis naar Batavia, het huidige Jakarta in Indonesië. Ver zou het schip niet komen: op de Noordzee raakte het schip in een storm en liep op een zandbank waardoor het roer afbrak.”
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/nieuws/1910...ctie-en-absurd
Goedje speelt belangrijke rol in zwartste bladzijden van koloniale tijd
Schrappen Nootmuskaatstraat door Amsterdam is ’typische overreactie’ en ’absurd’
AMSTERDAM - Nog voor nieuwbouwproject Marktkwartier West gereed is, heeft de gemeente Amsterdam de Nootmuskaatstraat al geschrapt. Dat doet te veel denken aan het koloniale verleden. „Wat blijft er over? Peterselie?”
© ANP / HH
Het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen in het centrum van Hoorn.
Kruiden en specerijen zijn het thema in de nieuwe wijk die uiteindelijk 1700 nieuwe woningen zal tellen. Denk aan de Kruidnagelstraat, Kurkumakade en de Garam Masalastraat. Ook de Nootmuskaatstraat stond op het lijstje, maar op aanvraag van het stadsdeel West besloot het college die straatnaam te verwijderen ’vanwege de koloniale associatie’.
Een ’typische overreactie’, noemt historicus en politicoloog Coen de Jong het Amsterdamse besluit. „Door de jarenlange discussies over het koloniale verleden van Nederland, zijn er nu mensen die nootmuskaat zijn gaan politiseren. Ergens is dat wel grappig ook.”
Tegelijk noemt hij het ’absurd’. „Allerlei zaken worden nu in verband gebracht met westerse slechtheden. Langzamerhand kijken veel mensen naar een scheve werkelijkheid: wit versus gekleurd, het Westen versus de rest van de wereld. Alles is onderdrukking en met dat idee wordt er van alles geproblematiseerd. In dit geval kruiden en gerechten.”
Peterselie
Emeritus hoogleraar geschiedenis Piet Emmer vraagt zich af welke kruiden na het schrappen van oosterse specerijen nog wél door de beugel kunnen. „Peterselie?”
Emmer: „Elke stad heeft zijn gemeenteraad en die neemt de beslissingen. Als het gemeentebestuur straatnamen wil veranderen, dan mag dat. In Italië zijn er gemeenten die er voor kozen om in het hele dorp straten te vernoemen naar helden uit de Sovjet-Unie. Daar hadden ze een communistisch gemeentebestuur.”
Ook tijdens de Franse revolutie gingen in Parijs straatnamen die verwezen naar koningen van de muur. Die werden vervangen door revolutionaire namen en gebeurtenissen. „Zelfs de weken en maanden werden afgeschaft. Dat is later allemaal weer teruggedraaid”, zegt Emmer.
Nootmuskaat is niet de enige smaakversterker die de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) ophaalde uit Azië, maar het geraspte goedje speelt wel een belangrijke rol in de zwartste bladzijden van de koloniale tijd.Bloedbad
De noot werd lange tijd exclusief verbouwd op de Molukse Banda-eilanden. Onder dreiging van geweld eisten de Nederlanders het monopolie op de handel. Toen de Bandanezen toch ook hun producten aan de Engelsen verkochten, ontketende gouverneur-generaal van de VOC Jan Pieterszoon Coen een bloedbad waarbij het grootste deel van de oorspronkelijke bevolking om het leven kwam.
Het is de reden dat het standbeeld van JP Coen in zijn geboortestad Hoorn al jaren onder vuur ligt. Een toevoeging met tekst over Coens hardvochtige optreden op de sokkel leek de protesten in de kiem te smoren, maar het standbeeld blijft de gemoederen in de West-Friese VOC-stad bezighouden, zegt directeur Ad Geerdink van het Westfries Museum. „Binnenkort is er weer een debat over in de gemeenteraad.”
Emmer: „Wat er op de Banda-eilanden is gebeurd, was echt een uitzondering. Zoveel macht hadden de Nederlanders niet. Daarnaast kostte oorlog voeren alleen maar geld. Bij voorkeur lieten ze de Aziatische bevolking hun werk doen en probeerden ze de handel voor een gunstige prijs aan te kopen. Dat was doorgaans een prijs die de lokale bevolking ook zonder de aanwezigheid van de Nederlanders had gekregen.”
Een lokale partij in Hoorn wil dat er een knoop wordt doorgehakt over het standbeeld van Coen: blijven staan, of weghalen. De gemeente wil juist in zogenoemde stadsgesprekken de mening van de bevolking horen.Tentoonstelling
Het Westfries Museum hield eerder een tentoonstelling over Coen en de slachting op Banda. Geerdink kan wel enig begrip opbrengen voor de afkeer van ’straatnamen die refereren aan koloniën’. „Ook al kan nootmuskaat er niets aan doen, toch is het goed om namen met zulke associaties maar even achterwege te laten.”
De Jong: „Het is raar om straatnamen politiek te maken. Hoe het besluit in Amsterdam genomen is weet ik niet, maar ik vermoed dat een paar mensen het hebben opgespeeld en dat de rest, om gedonder te voorkomen, er maar in is meegegaan.”
Wie de geschiedenis erbij haalt, zal in elke straatnaam wel iets kunnen vinden. „Zo wordt het lastig om een straat naar iets of iemand te vernoemen. Er mankeert altijd wel wat aan”, aldus De Jong. „In de tijd van de apartheid in Zuid-Afrika was het in zwang om straten te vernoemen naar mensen van ANC, zoals Steve Biko. Nu zie je dat ANC behoorlijk radicaal is geworden met allerlei wantoestanden tot gevolg en is het ANC in sommige kringen weer controversieel.”
De Jong vermoedt dat er meer gaat komen. „Wat ik voorspel is dat er zeer binnenkort ook discussies gaan komen over straatnamen die een connectie hebben met Israël, en in het verlengde daarvan, Joodse Nederlanders of Joodse objecten in het algemeen.”
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/entertainme...maar-uitwissen
’Die VOC-vlaggen mogen van mij weer terugkomen’
Musea worstelen met woke: ’Je kunt geschiedenis niet zomaar uitwissen’
De kunstwereld staat op z’n kop. Waar historische stukken jaren geleden voornamelijk werden bewonderd, zijn ze vandaag de dag óók ’kwetsend’. Neem de replica van het VOC-schip de ’Amsterdam’: ooit een educatief stukje geschiedenis, nu voer voor discussie omdat het een ’drijvende herinnering aan het koloniaal verleden’ zou zijn. Museumdirecteuren bevinden zich in een mijnenveld, ondertussen zijn museumfanaten het woke-gedoe ’spuugzat’.
© FOTO JEAN-PIERRE JANS
De replica van de Amsterdam trekt dagelijks nog steeds veel mensen die zich graag laten vereeuwigen met het historische VOC-schip.
Onder een grijze lucht torent het gigantische VOC-schip uit boven het Amsterdamse Kattenburgplein. Een koude wind snijdt door de meterslange masten, maar dat weerhoudt een groep jonge kinderen niet om vrolijk rond te rennen op het krakende hout. Ze doen ’een potje kanonschieten’ maar worden al vrij snel teruggefloten door hun juf. Het schoolklasje is op excursie en zal vandaag alles leren over het reilen en zeilen van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie.
Op sociale media ontstond afgelopen week ophef over het historische vaartuig. Tijdens een bijeenkomst bij het Scheepvaartmuseum op 18 januari stond het volgende vraagstuk op de agenda: ’Wat te doen met die replica van het VOC-schip, die enorme drijvende herinnering aan het koloniaal verleden in de publieke ruimte van Amsterdam?’ Dat bleek uit een bericht op sociale media van Annemarie de Wildt, curator bij het Amsterdam Museum. Het Scheepsvaartmuseum meldde bovendien in de aankondiging dat ze de VOC-vlaggen op het schip hadden verwijderd.
Tussen de kinderen op het scheepsdek van de Amsterdam wandelt de 26-jarige Gemma. „Ik heb met walging berichten hierover gelezen op sociale media. Woke-mensen die roepen dat het beter uit de openbare ruimte kan verdwijnen, zo werkt geschiedenis toch niet?” Ze wijst naar het groepje kinderen. „Zij leren vandaag hoe het kleine Nederland onder meer dankzij de VOC welvarend werd. Maar ze worden óók op de hoogte gebracht over de koloniale uitbuiting. Je kunt geschiedenis niet zomaar uitwissen. Juist door het te laten staan, kan je er correct over informeren. Mensen die iets anders roepen, ben ik spuugzat.”
© JEAN-PIERRE JANS
Van Gemma mogen de VOC-vlaggen op het schip weer terugkomen.
Context
Michael Huijser, directeur van het Scheepsvaartmuseum, benadrukt dat het schip absoluut niet zal verdwijnen. „Dat zijn allemaal aannames. Wij willen juist dat mensen hierover kunnen discussiëren. Want het schip wekt natuurlijk wel wisselende gevoelens op bij mensen, maar die ruimte is er”, aldus Huijser. Waarom moesten de vlaggen dan wel verdwijnen? „Die vlaggen hadden geen enkele historische waarde want de replica is gebouwd in de jaren tachtig. Veel mensen hadden last van de wapperende vlaggen. In het museum hebben we natuurlijk veel historische stukken liggen, maar die geven we context. Mensen die zo’n vlag in de verte zien, kunnen we geen context geven.”
De 39-jarige bezoeker Akos stelt de ophef wel enigszins te begrijpen. „Amsterdam wekt wel de suggestie dat ze met zo’n groot schip willen pronken. Gedeeltelijk terecht, want zonder de VOC was Nederland niet wat het nu is. Maar er zijn ook hele duistere dingen gebeurd, dus ik begrijp wel dat mensen er over vallen. Maar het schrappen van geschiedenis gaat te ver. Het schip én de vlaggen zijn onderdeel van een belangrijk verhaal dat iedereen moet kennen.”
© JEAN-PIERRE JANS
Bezoeker Akos stelt de ophef wel enigszins te begrijpen.
Dat musea vaak het mikpunt zijn voor deze discussie, blijkt ook uit het verhaal van Martine Gosselink. Zij is de directeur van het Mauritshuis in Den Haag en krijgt zelfs bakken kritiek op de naam van haar museum. „Johan Maurits was gouverneur van Nederlands-Brazilië en de stichter van het Mauritshuis. Hij had ook een rol in de trans-Atlantische slavenhandel. Daardoor krijg ik soms de vraag waarom we überhaupt nog het Mauritshuis willen heten.”
Gosselink benadrukt dat bezoekers van het Mauritshuis uitgebreid geïnformeerd worden over álles wat Johan Maurits in het verleden heeft gedaan. „Hij veroverde de grootste Portugese slavendepots, handelde in mensen en stak dat geld ook nog eens in eigen zak. En dat alles in een tijd waarin slavernij geen alom geaccepteerd systeem was. Tegelijkertijd kun je hem nog steeds waarderen om de kennis die we hebben over Brazilië dankzij hem, of om de schilderijen die hij heeft laten maken. Wij zullen als museum nooit tegen mensen zeggen: daar mag je wel of niet van genieten. Daar gaan mensen zelf over.”Michael Jackson
Ze vergelijkt het met Michael Jackson. „We weten wat hij heeft gedaan met kinderen, maar ik ga niet voor iemand anders bepalen of diegene van zijn werk mag genieten.” Volgens de directeur zit er een belangrijk verschil tussen een historisch gegeven, of een vernoeming die vandaag de dag anders wordt bekeken. „Stel, mijn kinderen zitten op de Jan Pieterszoon Coenschool, dan snap ik het heel goed als die school de naam wil veranderen, want die naam is bijvoorbeeld in de jaren zeventig gegeven en we staan anno nu niet achter zijn wijze van handelen. Overigens stond zijn koloniale optreden in zijn eigen tijd ook flink ter discussie. Maar als die naam een historisch gegeven zou zijn geweest, bijvoorbeeld van zijn eigen huis, dan moet je die naam niet willen aanpassen.”Controverse
Het Museum Maassluis kreeg eind 2022 te maken met controverse over twee schilderijen van zwarte vrouwen, gemaakt door kunstenares Jeanne Bieruma Oosting (1898-1994). In de bijschriften werden de vrouwen door haar als ’negerinnen’ omschreven. Sinds 2015 passen veel musea bijschriften aan. Termen als ’neger’, ’eskimo’ en ’indiaan’ zijn amper nog te vinden. Het Museum Maassluis wilde hier niet aan meedoen en besloot de schilderijen van de muur te halen. „Het was taal uit die tijd. Door bijschriften aan te passen, kom je aan het originele werk van de kunstenaar. Dat willen wij niet doen”, vertelt conservator Pieter van Houten. „Daarom hebben we de schilderijen weggehaald.”
Gemma staart op het dek van het VOC-schip naar de masten. „Die VOC-vlaggen mogen van mij weer terugkomen.”
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/nieuws/1655...in-draaimolens
Dierenrechtenclub PETA wil af van paardenbeelden in draaimolens
WICHITA - Dierenrechtenorganisatie PETA vindt dat er een eind moet komen aan de paarden en andere dieren in draaimolens.
© ANP / EPA
Een paardenbeeld in een draaimolen.
„Carrousels met een dierenthema vieren onbedoeld de uitbuiting van bewuste wezens”, schrijft de organisatie aan Chance Rides, de grootste carrouselmaker in de Verenigde Staten. Kinderen kunnen zo het idee krijgen dat „dieren er alleen maar zijn voor ons amusement, terwijl ze net als wij angst, pijn, vreugde en liefde kunnen ervaren.”
PETA stelt voor om de draaimolens voortaan te voorzien van autootjes, vliegtuigjes, bulldozers, ruimteschepen of regenbogen, vallende sterren en bezems. Chance Rides heeft nog niet gereageerd, aldus de Amerikaanse website The Hill.
Comment
-
https://www.telegraaf.nl/entertainme...k-nu-gecanceld
Kritiek op ’transfoob’ bericht Anouk: ’Word ik nu gecanceld?’
Anouk is haar vrijdagochtend op Threads begonnen met een foto van haar ongesteldheid. Daarbij schrijft de 48-jarige zangeres dat mensen zonder mannelijk geslachtsdeel niet automatisch een vrouw zijn. Haar ’transfobe’ opmerking schiet bij velen in het verkeerde keelgat.
© ANP/HH
Anouk bij Vrienden van Amstel.
„Je pipi eraf hakken, maakt je geen vrouw. Maar dit wel. Word ik nu gecanceld?”, schrijft Anouk bij een foto van haar wc. Daarin ligt bebloed toiletpapier. „Waarom moest die foto erbij?”, schrijft iemand die net zijn ontbijt aan het eten was.
In de reacties krijgt Anouk er flink van langs. „Jammer dit. Had oprecht anders verwacht”, reageert iemand. „Hoe minder verwachtingen je hebt, hoe beter”, zegt Anouk daarop. „Ik weet niet wat Anouk heeft gesnoven vanochtend, maar ze spoort echt niet”, vult iemand aan.
Typisch Nederlands
Toch springen er ook mensen voor de zangeres in de bres. „Iedereen die hier een negatieve reactie onder plaatst heeft geen gevoel voor humor. Typisch Nederlands. Je mag tegenwoordig niks meer zeggen of je wordt erop afgerekend.”
Ook BN’ers reageren op de post. „Anouk, maak je geen zorgen hoor. Jij gaat om je post niet gecanceld worden, daarvoor ben je veel te geliefd”, schrijft cabaretier Claudia de Breij. „Een stuk geliefder dan transvrouwen. Zij kunnen nauwelijks gecanceld worden, want om gecanceld te worden moet je eerst omarmd zijn geweest en dat krijgen zij een stuk minder dan jij en ik. Daarom kun je ze ook gewoon supporten, of met rust laten.”
„Het maakt je biologisch misschien geen vrouw, maar het kan iemand wel het lichaam geven waar zij comfortabel en gelukkig in is”, schrijft zangeres Davina Michelle. Acteur Jan Kooijman wil graag meer uitleg over het bericht, maar krijgt die niet. „Anouk, wat bedoel je precies?”, reageert hij.
Influencer Lotte van Eijk noemt het bericht „zo teleurstellend”. „Hoezo kiezen voor haat als liefde ook een optie is? Zo jammer. Ik had zoveel meer van haar verwacht, ik dacht oprecht dat ze een ally was.”
Comment
Comment